Ga verder naar de inhoud

KC33/25-0030

Ongegrond KC - Wortel Klachtencommissie Tucht
TUCHT

Klager heeft een klacht ingediend tegen een tuchtbeslissing. Bij kniepijn werd eerst bij zichzelf doch daarna bij de verpleging aangeduid waar de pijn zat. Er werd niets anders gedaan en toch volgde een zware tuchtsanctie. Klager vraagt een gepaste compensatie.

De klachtencommissie meent dat de vaststellingen in het RAD duidelijk waren. Bovendien werd in het RAD een getuige van de feiten vermeld, namelijk de dokter. De klachtencommissie acht de verklaring van klager overigens ongeloofwaardig. Klager kon perfect aantonen op welke plaats op zijn lichaam hij pijn had. Om dit te verduidelijken diende hij de verpleegkundige niet aan te raken. De klachtencommissie acht de kwalificatie van de feiten als de opzettelijke aantasting van de psychische integriteit terecht. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager.

De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van dertig dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie is dit de wettelijk toegestane maximumsanctie. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie gerechtvaardigd is gelet op de ernst van de inbreuk en het gebrek aan schuldinzicht bij klager.

Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.