TUCHT – VERBODEN VOORWERPEN
Klager heeft een klacht ingediend tegen de tuchtbeslissing omdat hij meent dat personeelsleden in de gevangenis van Wortel dingen aan het uitlokken zijn en racistisch te werk gaan. Klager voelt zich niet veilig. Hij kan niet op de vuist want hij heeft maar één arm dus gaat hij een wapen moeten maken.
De klachtencommissie stelt vast dat klager heeft toegegeven dat hij boos was geworden omdat hij volgens hem niet genoeg bruin brood kreeg. Uit het RAD blijkt dat klager uit frustratie vervolgens tegen de muur en de vuilnisbak heeft geklopt. Om verdere escalatie te vermijden werd de celdeur van klager gesloten. De klachtencommissie is van oordeel dat deze feiten en de daaraan gekoppelde tuchtinbreuk van de opzettelijke aantasting van de orde is bewezen. De bewering van klager op het moment van de feiten dat hij geen wit brood meer kan verdragen, wordt niet ondersteund door een medisch attest dat hij kan voorleggen, noch heeft hij dat argument herhaald tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting. Dat het personeel hem bruin brood zou ontzeggen omdat ze de pik op hem hebben, vindt geen steun in het dossier aangezien uit het RAD blijkt dat er die dag opmerkelijk minder bruin brood was geleverd zodat alle gedetineerden geconfronteerd werden met geen of slechts enkele sneden bruin brood.
Met betrekking tot het tweede RAD, stelt de klachtencommissie vast dat klager op geen enkel ogenblik het bezit van een steekwapen heeft ontkend. Hij heeft ook verklaard dat dit wapen daadwerkelijk bedoeld was voor het geval er een gevecht zou uitbreken op de wandeling. De verdediging van klager dat hij zich onveilig voelt in zijn cel gelet op zijn celgenoot en dat hij recht zou hebben op het verblijf in een cel alleen, wordt niet gestaafd door een detentiegarantie of een verklaring van een arts en is bovendien ongeloofwaardig aangezien het steekwapen werd gevonden toen klager onderweg was naar de wandeling. De klachtencommissie is van oordeel dat deze feiten en de daaraan gekoppelde tuchtinbreuk van de bedreiging met de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen is bewezen.
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van dertig dagen ATV (inclusief de duurtijd van de opgelegde voorlopige maatregel). Om deze redenen is de klacht ongegrond. De tuchtbeslissing blijft bestaan.
Klager heeft een klacht ingediend tegen de tuchtbeslissing omdat hij meent dat personeelsleden in de gevangenis van Wortel dingen aan het uitlokken zijn en racistisch te werk gaan. Klager voelt zich niet veilig. Hij kan niet op de vuist want hij heeft maar één arm dus gaat hij een wapen moeten maken.
De klachtencommissie stelt vast dat klager heeft toegegeven dat hij boos was geworden omdat hij volgens hem niet genoeg bruin brood kreeg. Uit het RAD blijkt dat klager uit frustratie vervolgens tegen de muur en de vuilnisbak heeft geklopt. Om verdere escalatie te vermijden werd de celdeur van klager gesloten. De klachtencommissie is van oordeel dat deze feiten en de daaraan gekoppelde tuchtinbreuk van de opzettelijke aantasting van de orde is bewezen. De bewering van klager op het moment van de feiten dat hij geen wit brood meer kan verdragen, wordt niet ondersteund door een medisch attest dat hij kan voorleggen, noch heeft hij dat argument herhaald tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting. Dat het personeel hem bruin brood zou ontzeggen omdat ze de pik op hem hebben, vindt geen steun in het dossier aangezien uit het RAD blijkt dat er die dag opmerkelijk minder bruin brood was geleverd zodat alle gedetineerden geconfronteerd werden met geen of slechts enkele sneden bruin brood.
Met betrekking tot het tweede RAD, stelt de klachtencommissie vast dat klager op geen enkel ogenblik het bezit van een steekwapen heeft ontkend. Hij heeft ook verklaard dat dit wapen daadwerkelijk bedoeld was voor het geval er een gevecht zou uitbreken op de wandeling. De verdediging van klager dat hij zich onveilig voelt in zijn cel gelet op zijn celgenoot en dat hij recht zou hebben op het verblijf in een cel alleen, wordt niet gestaafd door een detentiegarantie of een verklaring van een arts en is bovendien ongeloofwaardig aangezien het steekwapen werd gevonden toen klager onderweg was naar de wandeling. De klachtencommissie is van oordeel dat deze feiten en de daaraan gekoppelde tuchtinbreuk van de bedreiging met de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen is bewezen.
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van dertig dagen ATV (inclusief de duurtijd van de opgelegde voorlopige maatregel). Om deze redenen is de klacht ongegrond. De tuchtbeslissing blijft bestaan.