Ga verder naar de inhoud

KC33/26-0017

Ongegrond KC - Wortel Klachtencommissie Tucht
TUCHT - BEWIJS

Klager heeft een klacht ingediend tegen een beslissing die werd genomen waardoor hij vijf dagen in isolatie moest omdat er niet juist gehandeld is geweest. Daardoor zijn de omstandigheden zeer ver uit de hand gelopen. Men heeft buitensporig geweld gebruikt. Klager zijn verwondingen zijn onder andere een gebroken neus, gehoorschade en verrekking van zijn schouder. De aanleiding voor het brute geweld, weet klager niet.

Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen of de bedreiging daarmee. De klachtencommissie is in de eerste plaats van oordeel dat de twee RAD’s zorgvuldig werden opgesteld en dat deze duidelijke en gedetailleerde vaststellingen bevatten. Op basis van die vaststellingen stelt de klachtencommissie vast dat het toezichthoudend personeel had gezien hoe klager tijdens de beweging naar de wandeling iets had verstopt. Aangezien het personeel (samen met het inrichtingshoofd) conform de Basiswet de verantwoordelijkheid draagt voor de handhaving van de orde en de veiligheid, werd de simpele vraag gesteld aan klager om hetgeen hij verstopt had, af te geven. Volgens het rapport weigerde klager dit legitiem bevel van het personeel en snelde hij terug naar zijn cel. Daar werd hem volgens het rapport nogmaals gevraagd om hetgeen hij in zijn bezit had, af te geven hetgeen klager opnieuw weigerde en hij begon te roepen. Toen de beambte naar klager toestapte, duwde klager deze beambte waarop deze beambte achteruitvloog. Ook de kwartierchef die bijstand kwam bieden, kreeg een duw van klager. In plaats van vervolgens mee te werken aan de naaktfouille die was opgedragen door de directie, stak klager iets in zijn mond en begon hij te slaan en te stampen naar iedereen die in zijn buurt kwam. Gelet op zijn opstandig gedrag, diende klager overmeesterd te worden om geboeid te worden overgebracht naar de beveiligde cel. Zelfs twee uur na deze interventie bedreigde klager het personeel met geweld. Uit deze vaststellingen blijkt voor de klachtencommissie duidelijk dat klager een simpele legitieme vraag heeft doen uitlopen tot een zwaarwichtig incident met meerdere gewonden. De klachtencommissie stelt vast dat klager tijdens de tuchthoorzitting niet ontkende dat hij een fout had gemaakt. Volgens hem hadden de beambten echter ook een fout gemaakt. De klachtencommissie is van oordeel dat uit de rapporten blijkt dat het personeel gerechtvaardigde dwang heeft gebruikt teneinde klager, die duidelijk buiten zinnen was, over te brengen naar de beveiligde cel conform de instructie van de directie. De klachtencommissie besluit dat de directie terecht de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit heeft weerhouden in hoofde van klager.

De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van vijf dagen strafcel. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie negen dagen strafcel. Bovendien werd de duurtijd van de voorlopige maatregel in rekening gebracht. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie niet onredelijk of onbillijk was in vergelijking met de ernst van de gepleegde feiten.

Om deze redenen zijn de klachten ongegrond.
Er werd een beroepsdossier met referentie BC/26-0178 opgestart