Ga verder naar de inhoud

KC38/24-0002

Ongegrond KC - Dendermonde-Hulp Klachtencommissie Tucht
TUCHT - PERSONEEL

De klacht betreft een tuchtbeslissing van 11/07/2024 van de directie van de gevangenis.

Klager is het oneens met de tuchtbeslissing van 11/07/2024 waarbij hem een tuchtsanctie van 5 dagen ATV vanaf 10/07/2024 t.e.m. 15/07/2024 + 5 dagen ATV voorwaardelijk gedurende 3 maanden vanaf 12/07/2024 t.e.m. 12/10/2024 werd opgelegd. Klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan 1) de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee en 2) het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel. De tuchtbeslissing is gebaseerd op twee RADs.

Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting van 11/07/2024 verklaart klager dat hij weldegelijk op zijn celdeur gebonkt heeft. Toen een beambte hem hierover heeft aangesproken, kan het zijn dat hij met
een luidere stem heeft geroepen. De motivering voldoet volgens de klachtencommissie aan de vereisten van art. 8 van de Basiswet, aangezien ze expliciet ingaat op de elementen waaruit de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit blijkt, of de bedreiging daarmee en het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel. De klachtencommissie ziet geen reden waarom de directie zich bij het nemen van de bestreden beslissing niet had mogen steunen op de twee RADs en de tuchtrechtelijke hoorzitting. De directie kon de feiten, zoals die duidelijk en uitdrukkelijk in de twee RADs werden beschreven, voor waar en als voldoende aannemen.

De directie kon dan ook binnen de grenzen van de redelijkheid oordelen dat de feiten die aan klager werden ten laste gelegd, bewezen waren. De eerste kwalificatie is een tuchtvergrijp van de eerste categorie. De opgelegde tuchtsanctie van 5 dagen ATV vanaf 10/07/2024 t.e.m. 15/07/2024 + 5 dagen ATV voorwaardelijk gedurende 3 maanden vanaf 12/07/2024 t.e.m. 12/10/2024 valt nog binnen het wettelijke maximum voor een tuchtinbreuk eerste categorie, wat 30 dagen is. De klachtencommissie acht voormelde tuchtsanctie ook niet onredelijk voor een tuchtinbreuk van de eerste categorie, gegeven de geringe impact ervan en de maximumsanctie die de directie kon opleggen.Om deze redenen is de klacht niet gegrond.