Ga verder naar de inhoud

KC38/24-0007

Ongegrond KC - Dendermonde-Hulp Klachtencommissie Tucht
TUCHT – VERBODEN SUBSTANTIES

Klager dient klacht in tegen een tuchtbeslissing. Hij is het niet eens met de beslissing omdat hij onderworpen werd aan een celcontrole, nadat een beambte het gesprek tussen klager en een medegedetineerde had meegeluisterd in de douche. Na de celcontrole had de beambte een bruin zakje vast. Klager heeft hem de vraag gesteld van waar het zakje kwam. Het was niet van hem.

De klachtencommissie ziet geen reden waarom de directie zich bij het nemen van de bestreden beslissing niet had mogen steunen op het RAD en het administratief verslag inzake verdovende middelen. De directie kon de feiten, zoals die duidelijk en uitdrukkelijk in het RAD werden beschreven, voor waar en als voldoende aannemen.

De directie kon dan ook binnen de grenzen van de redelijkheid oordelen dat de feiten die aan klager werden ten laste gelegd, bewezen waren.

Om deze redenen is de klacht tegen de tuchtbeslissing ongegrond.