Ga verder naar de inhoud

BC/22-0032

Ongegrond Beroepscommissie Beroepscommissie Voorlopige maatregel Tucht
TUCHT - VOORLOPIGE MAATREGEL - RECHTEN VAN VERDEDIGING - BIJSTAND RAADSMAN

Hoewel de gedetineerde een specifieke advocaat had opgegeven die zorgvuldig werd opgeroepen, dient de directie zich te verzekeren van het feit dat een gedetineerde ondubbelzinnig afstand doet van dit fundamenteel bijstandsrecht. Appellant kan dan ook niet gevolgd worden in haar stelling dat klager stilzwijgend verzaakte aan zijn bijstandsrecht door zijn standpunt niettemin naar voren te brengen
Hoewel de reden van de afwezigheid van de opgegeven raadsman niet ligt bij de gevangenisadministratie , ligt deze reden evenmin bij de gedetineerde zelf, die bovendien was afgezonderd op zijn cel en zich zelf niet kon verzekeren van de aanwezigheid van zijn raadsman.
Gelet op het feit dat klager onder deze voorlopige maatregel stond en de termijn van 72uur bovendien nog niet verstreken was, is het onredelijk dat de directie in de gegeven omstandigheden geen eenmalig uitstel toekende, of vereiste dat de gedetineerde hierom uitdrukkelijk verzocht, dan wel naging of hij afstand deed van de bijstand door een advocaat.