Ga verder naar de inhoud

BC/24-0138

Gegrond Beroepscommissie Beroepscommissie Individueel bijzonder veiligheidsregime
IBVR - GEÏNTERNEERDE - BEROEPSTERMIJN

De directeur-generaal verwijst in haar verweer in het bijzonder naar het bewijs van betekening van de bestreden beslissing. De beroepscommissie stelt evenwel vast dat op het vermeende bewijs van betekening in duidelijk leesbaar handschrift werd genoteerd ‘niet in staat om te tekenen (vc)’. Beroepsindiener bevond zich in de veiligheidscel en het penitentiair personeel heeft daaruit afgeleid dat hij op dat moment niet in staat was om de beslissing te ondertekenen voor kennisname en ontvangst.
Dergelijke betekening kan bezwaarlijk gelden als een rechtsgeldige kennisname van de bestreden beslissing die de beroepstermijn doet ingaan. Een soepele interpretatie met betrekking tot de termijn is volgens de beroepscommissie bovendien in ieder geval gepast gelet op zijn statuut van geïnterneerde. Rekening houdend met al deze omstandigheden, is de beroepscommissie van oordeel dat beroepsindiener de klacht zo spoedig mogelijk heeft ingediend als redelijkerwijs van hem verlangd kon worden.

Wat betreft de grond van de zaak maakt het loutere feit dat appellant “geagiteerd uit de hoek kan komen” en weigert om een tv te vergoeden, geen voortdurende dreiging uit voor de veiligheid.

De beroepscommissie is van oordeel dat de “hoge prikkelgevoeligheid” van beroepsindiener bezwaarlijk kan getuigen van een voortdurende dreiging die het actuele regime kan verantwoorden, te meer omdat het uiteindelijke IBVR strengere maatregelen bevat dan het initiële voorstel door de directeur van de gevangenis.

De aan de bestreden plaatsing vooraf doorlopen procedure doet bovendien de wenkbrauwen fronsen op meerdere punten.

Het feit dat beroepsindiener in het algemeen nood heeft aan een prikkelarme omgeving, kan een IBVR ten aanzien van een geïnterneerde op zich niet rechtvaardigen.