BC/25-0004
Ongegrond
Beroepscommissie
Beroepscommissie
Geen beslissing directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR – TELEFONIE
Klager heeft beroep ingediend tegen drie onderdelen van een beslissing van de klachtencommissie.
De eerste klacht ging over het blokkeren van een telefoonnummer. De beroepscommissie ziet, net zoals de klachtencommissie, geen reden om te twijfelen aan de bevestiging van de directie dat zij geen beslissing in deze zin had genomen. Het nummer werd mogelijk van buitenaf geblokkeerd door de persoon die werd opgebeld. De beroepscommissie acht het niet aannemelijk dat er een beslissing van de directie was. De klachtencommissie heeft deze klacht terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is op dit vlak ontvankelijk, maar niet gegrond.
De tweede klacht ging over het verzuim van de directie om te antwoorden op een rapportbriefje van klager. De beroepscommissie heeft reeds geoordeeld dat het verzuim om te antwoorden op of het verzuim om gevolg te geven aan bepaalde rapportbriefjes binnen een redelijke termijn een beklagwaardig verzuim kan zijn. Dit betekent echter niet dat het niet antwoorden op om het even welk rapportbriefje ipso facto een verzuim van de directie tot het nemen van een beslissing zou zijn. De beroepscommissie kan de klachtencommissie volgen waar zij stelt dat er slechts een beperkt aantal dagen verstreken waren tussen het indienen van het rapportbriefje en het vermeende verzuim. Klager had bovendien inderdaad vragen van uiteenlopende aard gesteld, waarop de directie niet zomaar eenvoudigweg zonder verdere navraag kon antwoorden. Aangezien er dus geen verzuim van de directie was om een beslissing te nemen binnen een wettelijke of redelijke termijn, had de klachtencommissie de klacht niet-ontvankelijk (in plaats van ontvankelijk en ongegrond) moeten verklaren. Het beroep is, hiermee rekening houdend, ontvankelijk, maar niet gegrond.
De derde klacht ging over het feit dat er in de gevangenis van Turnhout geen overlegorgaan bestaat zoals bedoeld in artikel 7 Basiswet. De klachtencommissie oordeelde terecht dat dit geen beslissing is die door of namens de directeur ten aanzien van klager werd genomen. De klacht werd terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is op dit vlak ontvankelijk, maar niet gegrond.
Klager heeft beroep ingediend tegen drie onderdelen van een beslissing van de klachtencommissie.
De eerste klacht ging over het blokkeren van een telefoonnummer. De beroepscommissie ziet, net zoals de klachtencommissie, geen reden om te twijfelen aan de bevestiging van de directie dat zij geen beslissing in deze zin had genomen. Het nummer werd mogelijk van buitenaf geblokkeerd door de persoon die werd opgebeld. De beroepscommissie acht het niet aannemelijk dat er een beslissing van de directie was. De klachtencommissie heeft deze klacht terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is op dit vlak ontvankelijk, maar niet gegrond.
De tweede klacht ging over het verzuim van de directie om te antwoorden op een rapportbriefje van klager. De beroepscommissie heeft reeds geoordeeld dat het verzuim om te antwoorden op of het verzuim om gevolg te geven aan bepaalde rapportbriefjes binnen een redelijke termijn een beklagwaardig verzuim kan zijn. Dit betekent echter niet dat het niet antwoorden op om het even welk rapportbriefje ipso facto een verzuim van de directie tot het nemen van een beslissing zou zijn. De beroepscommissie kan de klachtencommissie volgen waar zij stelt dat er slechts een beperkt aantal dagen verstreken waren tussen het indienen van het rapportbriefje en het vermeende verzuim. Klager had bovendien inderdaad vragen van uiteenlopende aard gesteld, waarop de directie niet zomaar eenvoudigweg zonder verdere navraag kon antwoorden. Aangezien er dus geen verzuim van de directie was om een beslissing te nemen binnen een wettelijke of redelijke termijn, had de klachtencommissie de klacht niet-ontvankelijk (in plaats van ontvankelijk en ongegrond) moeten verklaren. Het beroep is, hiermee rekening houdend, ontvankelijk, maar niet gegrond.
De derde klacht ging over het feit dat er in de gevangenis van Turnhout geen overlegorgaan bestaat zoals bedoeld in artikel 7 Basiswet. De klachtencommissie oordeelde terecht dat dit geen beslissing is die door of namens de directeur ten aanzien van klager werd genomen. De klacht werd terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is op dit vlak ontvankelijk, maar niet gegrond.