BC/25-0180
Ongegrond
Beroepscommissie
Beroepscommissie
Individueel bijzonder veiligheidsregime
INDIVIDUEEL BIJZONDER VEILIGHEIDSREGIME
De beroepsindiener gaat niet akkoord met de beslissing van de directrice-generaal om hem in een individueel bijzonder veiligheidsregime te plaatsen. Al enkele uren na ziin overplaatsing vanuit Nieuw-Dendermonde nam de lokale directie te Brugge bijzondere veiligheidsmaatregelen ten aanzien van de beroepsindiener. De beroepsindiener bleef echter weigeren om de beveiligde cel te verlaten, omdat hij zich op de gewone afdelingen in Brugge niet veilig zou voelen naar aanleiding van een incident dat zich enkele jaren geleden had voorgedaan tussen zijn broer, hemzelf en enkele personeelsleden. Volgens de beroepscommissie is er geen sprake van een zuivere afzondering op eigen verzoek, maar wel van een individueel bijzonder veiligheidsregime dat wordt opgelegd omwille van een voortdurende bedreiging voor de veiligheid. Deze beslissing is volgens de beroepscommissie wettig, redelijk en billijk. De beroepscommissie stelt ook nog vast dat, van zodra de beroepsindiener de beveiligde cel wenst te verlaten, in de bestreden beslissing de nodige waarborgen werden ingebouwd om het regime onmiddellijk aan deze omstandigheden aan te passen. Zij wijst er wel op dat, indien het gedrag en de houding van de beroepsindiener in die mate verbeteren dat er geen sprake meer is van een voortdurende bedreiging van de veiligheid, het individueel bijzonder veiligheidsregime onmiddellijk moet worden beƫindigd. In de huidige stand van zaken is het beroep echter niet gegrond.
De beroepsindiener gaat niet akkoord met de beslissing van de directrice-generaal om hem in een individueel bijzonder veiligheidsregime te plaatsen. Al enkele uren na ziin overplaatsing vanuit Nieuw-Dendermonde nam de lokale directie te Brugge bijzondere veiligheidsmaatregelen ten aanzien van de beroepsindiener. De beroepsindiener bleef echter weigeren om de beveiligde cel te verlaten, omdat hij zich op de gewone afdelingen in Brugge niet veilig zou voelen naar aanleiding van een incident dat zich enkele jaren geleden had voorgedaan tussen zijn broer, hemzelf en enkele personeelsleden. Volgens de beroepscommissie is er geen sprake van een zuivere afzondering op eigen verzoek, maar wel van een individueel bijzonder veiligheidsregime dat wordt opgelegd omwille van een voortdurende bedreiging voor de veiligheid. Deze beslissing is volgens de beroepscommissie wettig, redelijk en billijk. De beroepscommissie stelt ook nog vast dat, van zodra de beroepsindiener de beveiligde cel wenst te verlaten, in de bestreden beslissing de nodige waarborgen werden ingebouwd om het regime onmiddellijk aan deze omstandigheden aan te passen. Zij wijst er wel op dat, indien het gedrag en de houding van de beroepsindiener in die mate verbeteren dat er geen sprake meer is van een voortdurende bedreiging van de veiligheid, het individueel bijzonder veiligheidsregime onmiddellijk moet worden beƫindigd. In de huidige stand van zaken is het beroep echter niet gegrond.