Ga verder naar de inhoud

CP36/26-0171

Gegrond CP - Haren Klachtencommissie Ordemaatregel
ORDEMAATREGEL - BEZOEK - HOORPLICHT

De klachtencommissie stelt vast dat de directie de ordemaatregel schriftelijk motiveerde. Ook werd voldaan aan de vereiste dat de motivering moet toelaten dat de gedetineerde begrijpt waarom bezoeker haar partner gedurende drie maanden niet aan tafel mag komen bezoeken.

Klaagster dient klacht in omdat zij meent dat zij haar standpunt over de feiten niet heeft kunnen geven.

De klachtencommissie is van oordeel dat in casu voldaan is aan de cumulatieve voorwaarden voor de hoorplicht, zoals geoordeeld door de Raad van State . De beslissing tot glasbezoek was een ernstige maatregel die de belangen van de klaagster zwaar heeft aangetast. Daarnaast is het duidelijk dat de bestreden beslissing het gevolg is van een ‘tekortkoming’ van klaagster, namelijk haar houding ten aanzien van haar bezoeker in de bezoekzaal.


Klaagster geeft in haar klacht aan dat de feiten hernomen in het RAD fout zijn en dat zij niet de gelegenheid heeft gehad haar kant van het verhaal te vertellen.

De klachtencommissie oordeelt, in navolging van de rechtspraak van de Raad van State en de Nederlandstalige beroepscommissie, dat ook in het geval dat er een schriftelijke, gemotiveerde weerslag is voor de beslissing, de directie klaagster had moeten horen alvorens de beslissing te nemen, of haar de kans had moeten geven om haar standpunt te verdedigen. De beslissing is niet genomen met inachtneming van de hoorplicht als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur.

Om deze redenen is de klacht gegrond.

De klachtencommissie vernietigt de ordemaatregel tot glasbezoek.