Ga verder naar de inhoud

KC02/23-0126

Gegrond KC - Antwerpen Klachtencommissie Tucht
TUCHT - BEWIJS - MOTIVERING
Tijdens een celcontrole wordt er ten eerste een brief gericht aan de vriendin van klager gevonden, waarbij hij een plan voorstelt om drugs binnen te brengen in de gevangenis en te verhandelen. Ten tweede werden er cd’s en cd-hoezen gevonden zonder registratie in de bib.

Klager wordt ten eerste gesanctioneerd voor de poging tot het plegen van de tuchtinbreuk ‘het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’. De klachtencommissie stelt vooreerst vast dat het in principe verboden is om brieven te lezen die gevonden worden tijdens een celcontrole. Het gevonden bewijs is dan ook onwettig verkregen. Ten tweede is de klachtencommissie van oordeel dat, zelfs indien de brief wettig verkregen was, er geen poging tot het plegen van de tuchtinbreuk voorhanden is. De klachtencommissie stelt dat het schrijven van de brief niet gezien kan worden als een daad van uitvoering. Klager geeft immers duidelijk aan dat hij zelf koos om deze brief niet te versturen en aldus het plan niet uit te voeren. Louter het opstellen van een plan, is onvoldoende om te spreken van een poging. Voor het overige wordt de (poging tot het plegen van de) tuchtinbreuk niet afdoende gemotiveerd.

Ten tweede is klager gesanctioneerd voor de tuchtinbreuk ‘het zich zonder toelating bevinden in een ruimte buiten de toegestane tijdsperiode of in een ruimte die men niet gerechtigd is te betreden’. Tijdens de zitting geeft de directie aan dat dit een materiële vergissing was en dat dit de tuchtinbreuk ‘het niet-naleven van de in het huishoudelijk reglement van de gevangenis voorgeschreven bepalingen met betrekking tot de voorwerpen die in het bezit worden gesteld of gelaten van de gedetineerde’ had moeten zijn.

In de motivering stelt de directie hierover enkel dat het vertrouwen in hem als bibmedewerker is geschonden. De klachtencommissie benadrukt dat een ontslag niet genomen kan worden als tuchtsanctie en verwijst daarbij naar de instructies van DG EPI over de verhouding tussen tucht en arbeid. Verder wordt deze tuchtinbreuk niet gemotiveerd.

Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing van 17 september 2023. De klachtencommissie draagt de directie op om de vermelding uit het tuchtregister van klager te verwijderen. De klachtencommissie kent één extra wandeling toe als tegemoetkoming, rekening houdend met het standpunt van de directie omtrent de gevraagde tegemoetkoming.