KC02/24-0043
Ongegrond
KC - Antwerpen
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
CELMUTATIE - GRONDSLAPEN
Klager werd in een cel geplaatst als derde persoon waarbij hij op de grond moest slapen. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens verduidelijkte dat er een sterk vermoeden is dat de opsluiting strijdig is met het verbod op onmenselijke behandeling uit artikel 3 EVRM, wanneer een gedetineerde beschikt over minder dan 3m² in een meerpersoonscel. De directie heeft bevestigt dat dit het geval is, zodat er een vermoeden is van schending van artikel 3 EVRM.
De klachtencommissie is echter van oordeel dat het vermoeden in dit geval weerlegd kan worden, gelet op de zeer korte tijd die klager heeft doorgebracht als derde persoon en grondslaper in de cel. Uit de informatie van de directie blijkt immers dat klager werd overgeplaatst uit de strafcel naar een gewone cel en dat hij de volgende dag reeds zou vertrekken naar Merksplas. Gelet op de overbevolking in de Antwerpse gevangenis, acht de klachtencommissie het niet onredelijk dat klager tijdelijk werd geplaatst als derde persoon in de cel met het oog op zijn overplaatsing minder dan 24u later. In die omstandigheden stelt de klachtencommissie dat er geen sprake is van een schending van artikel 3 EVRM. De klacht is niet gegrond.
Klager werd in een cel geplaatst als derde persoon waarbij hij op de grond moest slapen. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens verduidelijkte dat er een sterk vermoeden is dat de opsluiting strijdig is met het verbod op onmenselijke behandeling uit artikel 3 EVRM, wanneer een gedetineerde beschikt over minder dan 3m² in een meerpersoonscel. De directie heeft bevestigt dat dit het geval is, zodat er een vermoeden is van schending van artikel 3 EVRM.
De klachtencommissie is echter van oordeel dat het vermoeden in dit geval weerlegd kan worden, gelet op de zeer korte tijd die klager heeft doorgebracht als derde persoon en grondslaper in de cel. Uit de informatie van de directie blijkt immers dat klager werd overgeplaatst uit de strafcel naar een gewone cel en dat hij de volgende dag reeds zou vertrekken naar Merksplas. Gelet op de overbevolking in de Antwerpse gevangenis, acht de klachtencommissie het niet onredelijk dat klager tijdelijk werd geplaatst als derde persoon in de cel met het oog op zijn overplaatsing minder dan 24u later. In die omstandigheden stelt de klachtencommissie dat er geen sprake is van een schending van artikel 3 EVRM. De klacht is niet gegrond.