TUCHT
Ten aanzien van klager werd een tuchtbeslissing genomen waarbij klager gesanctioneerd werd voor “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee”. Hiervoor kreeg hij een tuchtsanctie van 15 dagen ATV opgelegd.
Aan de basis van de tuchtbeslissing ligt een RAD waarin wordt beschreven hoe een discussie escaleerde tot een vechtpartij en hoe klager, hoewel hij het gevecht niet initieerde, zelf ook fysieke agressie uitte. Deze feiten werden ook door klager toegegeven tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting. Er werden bij de medegedetineerde ook zichtbare verwondingen vastgesteld na afloop van de vechtpartij. Er was volgens de klachtencommissie duidelijk sprake van fysieke agressie, die verder ging dan loutere zelfverdediging. In de motivering van de beslissing werd door de directie ook duidelijk beschreven waarom de feiten aanwezig waren en als bovengenoemde tuchtinbreuk gekwalificeerd werden geacht. Gelet op de motivering van de beslissing, met verwijzing naar het opgestelde RAD ten aanzien van klager, is de klachtencommissie van oordeel dat de directie de tuchtinbreuk redelijkerwijze als bewezen en toerekenbaar aan klager kon beschouwen.
Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie kon maximum 30 dagen ATV worden opgelegd. Naast het feit dat de sanctie aldus wettig was, acht de klachtencommissie de opgelegde tuchtsanctie van 15 dagen ATV eveneens redelijk voor de feiten in kwestie.
De klacht is ongegrond.
Ten aanzien van klager werd een tuchtbeslissing genomen waarbij klager gesanctioneerd werd voor “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee”. Hiervoor kreeg hij een tuchtsanctie van 15 dagen ATV opgelegd.
Aan de basis van de tuchtbeslissing ligt een RAD waarin wordt beschreven hoe een discussie escaleerde tot een vechtpartij en hoe klager, hoewel hij het gevecht niet initieerde, zelf ook fysieke agressie uitte. Deze feiten werden ook door klager toegegeven tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting. Er werden bij de medegedetineerde ook zichtbare verwondingen vastgesteld na afloop van de vechtpartij. Er was volgens de klachtencommissie duidelijk sprake van fysieke agressie, die verder ging dan loutere zelfverdediging. In de motivering van de beslissing werd door de directie ook duidelijk beschreven waarom de feiten aanwezig waren en als bovengenoemde tuchtinbreuk gekwalificeerd werden geacht. Gelet op de motivering van de beslissing, met verwijzing naar het opgestelde RAD ten aanzien van klager, is de klachtencommissie van oordeel dat de directie de tuchtinbreuk redelijkerwijze als bewezen en toerekenbaar aan klager kon beschouwen.
Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie kon maximum 30 dagen ATV worden opgelegd. Naast het feit dat de sanctie aldus wettig was, acht de klachtencommissie de opgelegde tuchtsanctie van 15 dagen ATV eveneens redelijk voor de feiten in kwestie.
De klacht is ongegrond.