Ga verder naar de inhoud

KC04/22-0098

Gegrond KC - Beveren Klachtencommissie Andere beslissing directeur Voorlopige maatregel Tucht
VOORLOPIGE MAATREGEL - MOTIVERING - TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES - ANDERE BESLISSING DIRECTEUR - VERBODEN VOORWERPEN

De directeur kan een VM nemen in afwachting van de tuchtprocedure. De voorlopige maatregel is op twee punten gebrekkig. De formele motiveringsplicht zoals opgenomen in artikel 8 van de Basiswet verplicht de directie in de motivering de juridische en feitelijke overwegingen op te nemen die aan de beslissing ten grondslag liggen, en dat op afdoende wijze. Door louter te verwijzen naar een bijlage van het RAD als motivering van de voorlopige maatregel, blijkt niet waarom er sprake zou zijn van een geval van ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. De beslissing is niet voldoende gemotiveerd. Daarnaast stelt de klachtencommissie vast dat de directie de beslissing van de voorlopige maatregel pas een dag nadat deze is ingegaan opgesteld heeft, waardoor dit in feite neerkomt op een beslissing van een personeelslid zelf, hetgeen wettelijk niet toegelaten is. De voorlopige maatregel is niet wettelijk genomen en moet vernietigd worden. De klacht tegen de voorlopige maatregel is gegrond.

De directeur heeft zich voor het bewijs en de kwalificatie van de in de RAD’s ten laste gelegde feiten, gebaseerd op de vaststellingen van de dienstdoende PBA’s. De rapporten zijn duidelijk. De personeelsleden dewelke de rapporten hebben opgesteld, vermelden geen twijfel. Klager betwist de inbreuk met betrekking tot de verboden substanties/voorwerpen. De klachtencommissie meent evenwel dat de directie zich kon baseren op de inhoud van de rapporten (de geurwaarneming in combinatie met het feit dat klager de ‘sigaret’ niet wou afgeven dan wel doorgespoeld heeft) om (de deelname aan) deze inbreuk bewezen te verklaren. De klachtencommissie merkt op dat deze inbreuk hoe dan ook weerhouden kon worden gelet op de verboden voorwerpen (cf. infra) dewelke gevonden werden bij een celcontrole en nadien in bewaring genomen zijn. De klachtencommissie besluit dan ook dat de tuchtinbreuken bewezen zijn en dat deze correct werden gekwalificeerd in de tuchtbeslissing. De beslissing om 14 dagen ATV op te leggen is wettig, redelijk en billijk. De klacht tegen de tuchtbeslissing is ongegrond.

De in bewaring genomen goederen (een dvd-speler en een microgolfoven) maken geen deel uit van de inventaris ‘goederen meegenomen op cel’ van klager. Klager stelt dat dit komt omdat hij deze voorwerpen gekregen heeft van een gedetineerde die vrijgekomen is. Titel 4 Verkoop, ruil, lening, schenking of andere gelijkaardige handelingen tussen gedetineerden’ van de Collectieve brief nr. 113 van 5 augustus 2011 ‘Voorwerpen van gedetineerden’ handelt over zulks geval: er moet hiervoor toelating van de directie bekomen worden. Klager heeft de procedure niet gevolgd en de directie kon dan ook overgaan tot de in bewaringneming ervan. De klacht tegen de beslissing om een dvd-speler en microgolfoven in bewaring te nemen is ongegrond.