KC04/26-0044
Gegrond
Onontvankelijk
KC - Beveren
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
Geen beslissing directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - VERZUIM - MEDISCH
Klager beklaagt zich over een verzuim van de directie om hem toegang te verlenen tot externe tandzorg. Op het inrichtingshoofd rust de verplichting de nodige maatregelen te nemen opdat, wanneer de medische dienst dit nodig acht, een gedetineerde de nodige geneeskundige, zo ook tandheelkundige verzorging krijgt, hetzij in de inrichting zelf, hetzij, wanneer dit niet mogelijk is, buiten de inrichting (BC/24-0436). In het voorliggend dossier blijkt uit de verklaringen van klager ter zitting dat de medische dienst géén doorverwijzing heeft opgemaakt. De directie wees erop dat hieruit blijkt dat de medische dienst hier geen noodzaak toe ziet. De klachtencommissie kan dan ook niet besluiten tot een verzuim in hoofde van de directie om klager toegang te verlenen tot externe tandzorg. Om deze reden is de klacht niet-ontvankelijk.
Klager beklaagt zich over een verzuim van de directie om hem toegang te verlenen tot kinesitherapie. In het voorliggend dossier blijkt uit de klacht van klager dat hij kinesitherapie voorgeschreven kreeg door de arts in het ziekenhuis. In de gevangenis van Dendermonde kon hij wekelijks naar de kinesist. In de gevangenis van Beveren was er aanvankelijk géén kinesist. Om deze reden diende klager een klacht in. De klachtencommissie meent dat klager het aannemelijk maakt dat hij een medisch bevestigde noodzaak van kinesitherapie aan de directie meldde en de directie vroeg hiervoor een oplossing te bieden. De omstandigheid dat het hoofdbestuur er niet in slaagt voldoende kinesitherapie binnen de inrichting zelf te organiseren, kan het recht van de gedetineerde op kinesitherapie niet aantasten. Budgettaire beperkingen, beperkte beschikbaarheid van zorgverleners of welke andere beperkingen ook, kunnen voor de penitentiaire administratie geen overmacht uitmaken. Voor zover de afwezigheid van kinesitherapie binnen de inrichting te wijten is aan omstandigheden die de lokale directie zelf niet kan verhelpen, treft de lokale directie subjectief geen verwijt. Dit belet niet de vaststelling dat de penitentiaire administratie, waarvan de lokale directie ten aanzien van de gedetineerde de vertegenwoordiger is en tegen wie de gedetineerde zich alleen kan richten, niet in staat is tegemoet te komen aan de legitieme aanspraken van de gedetineerde (BC/24-0436). De klachtencommissie besluit tot een verzuim in hoofde van de directie om klager toegang te verlenen tot kinesitherapie. Om deze reden is de klacht ontvankelijk en meteen ook gegrond. Ter zitting van de klachtencommissie verklaarde klager dat hij intussen wél kinesitherapie krijgt in de gevangenis van Beveren - zij het minder frequent dan hij zou wensen - en hier zeer tevreden over is. De klachtencommissie meent dan ook dat de gevolgen van het vastgestelde verzuim voldoende ongedaan gemaakt zijn, waardoor klager niet in aanmerking komt voor een tegemoetkoming (artikel 158, §4 Basiswet).
Klager beklaagt zich over een verzuim van de directie om hem toegang te verlenen tot externe tandzorg. Op het inrichtingshoofd rust de verplichting de nodige maatregelen te nemen opdat, wanneer de medische dienst dit nodig acht, een gedetineerde de nodige geneeskundige, zo ook tandheelkundige verzorging krijgt, hetzij in de inrichting zelf, hetzij, wanneer dit niet mogelijk is, buiten de inrichting (BC/24-0436). In het voorliggend dossier blijkt uit de verklaringen van klager ter zitting dat de medische dienst géén doorverwijzing heeft opgemaakt. De directie wees erop dat hieruit blijkt dat de medische dienst hier geen noodzaak toe ziet. De klachtencommissie kan dan ook niet besluiten tot een verzuim in hoofde van de directie om klager toegang te verlenen tot externe tandzorg. Om deze reden is de klacht niet-ontvankelijk.
Klager beklaagt zich over een verzuim van de directie om hem toegang te verlenen tot kinesitherapie. In het voorliggend dossier blijkt uit de klacht van klager dat hij kinesitherapie voorgeschreven kreeg door de arts in het ziekenhuis. In de gevangenis van Dendermonde kon hij wekelijks naar de kinesist. In de gevangenis van Beveren was er aanvankelijk géén kinesist. Om deze reden diende klager een klacht in. De klachtencommissie meent dat klager het aannemelijk maakt dat hij een medisch bevestigde noodzaak van kinesitherapie aan de directie meldde en de directie vroeg hiervoor een oplossing te bieden. De omstandigheid dat het hoofdbestuur er niet in slaagt voldoende kinesitherapie binnen de inrichting zelf te organiseren, kan het recht van de gedetineerde op kinesitherapie niet aantasten. Budgettaire beperkingen, beperkte beschikbaarheid van zorgverleners of welke andere beperkingen ook, kunnen voor de penitentiaire administratie geen overmacht uitmaken. Voor zover de afwezigheid van kinesitherapie binnen de inrichting te wijten is aan omstandigheden die de lokale directie zelf niet kan verhelpen, treft de lokale directie subjectief geen verwijt. Dit belet niet de vaststelling dat de penitentiaire administratie, waarvan de lokale directie ten aanzien van de gedetineerde de vertegenwoordiger is en tegen wie de gedetineerde zich alleen kan richten, niet in staat is tegemoet te komen aan de legitieme aanspraken van de gedetineerde (BC/24-0436). De klachtencommissie besluit tot een verzuim in hoofde van de directie om klager toegang te verlenen tot kinesitherapie. Om deze reden is de klacht ontvankelijk en meteen ook gegrond. Ter zitting van de klachtencommissie verklaarde klager dat hij intussen wél kinesitherapie krijgt in de gevangenis van Beveren - zij het minder frequent dan hij zou wensen - en hier zeer tevreden over is. De klachtencommissie meent dan ook dat de gevolgen van het vastgestelde verzuim voldoende ongedaan gemaakt zijn, waardoor klager niet in aanmerking komt voor een tegemoetkoming (artikel 158, §4 Basiswet).