KC04/26-0112
Gegrond
Tegemoetkoming
Onontvankelijk
KC - Beveren
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
Ordemaatregel
BEZOEK - TEGEMOETKOMING
De klacht gaat over een weigeringsbeslissing ongestoord bezoek en over de ‘verlenging van wachttermijn voor ongestoord bezoek aan te vragen’ van de directie van de gevangenis van Beveren.
Over het ongestoord bezoek: de klachtencommissie vermoedt dat de directie zich beroept op artikel 59, §2, tweede lid van de Basiswet, met name “[…] wanneer er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen.”.
De directie schrijft in zijn beslissing dat mevrouw [x] slachtoffer zou zijn. De klachtencommissie is van oordeel dat de elementen die worden vermeld in de motivering waaruit zou blijken dat het ongestoord bezoek tussen klager en zijn partner een risico voor de integriteit van zijn partner onvoldoende actueel en concreet zijn. Op de zitting van de klachtencommissie werd bevestigd dat mevrouw [x] vaak op bezoek komt. Er zijn geen overige meldingen van agressie-incidenten op naam van klager.
De klachtencommissie besluit daarom dat er in de bestreden beslissing onvoldoende actuele individuele aanwijzingen zijn vermeld waaruit moet blijken dat het ongestoord bezoek tussen klager en zijn partner een gevaar voor de orde of de veiligheid zou vormen. De klacht is daarom gegrond. De klachtencommissie vernietigt de weigeringsbeslissing. De klachtencommissie draagt de directie, in toepassing van artikel 158, §3, 1° van de Basiswet, op om binnen één maand na de kennisgeving van de beslissing van de klachtencommissie een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De klachtencommissie kent aan klager de volgende tegemoetkoming toe: één extra ongestoord bezoek dat dient te worden ingepland binnen de drie maanden vanaf de betekening van huidige beslissing.
Over de verlenging van de wachttermijn: klager verwijst niet naar een beslissing door of namens de directie van een bepaalde datum. Hij maakt ook niet duidelijk waarover de beslissing gaat of waarom hij het niet eens is met deze beslissing. Het is aan klager om zo duidelijk mogelijk te vermelden waarover hij klacht indient en waarom. Uit de klacht van klager kan dit niet worden opgemaakt. De klacht is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
De klacht gaat over een weigeringsbeslissing ongestoord bezoek en over de ‘verlenging van wachttermijn voor ongestoord bezoek aan te vragen’ van de directie van de gevangenis van Beveren.
Over het ongestoord bezoek: de klachtencommissie vermoedt dat de directie zich beroept op artikel 59, §2, tweede lid van de Basiswet, met name “[…] wanneer er geïndividualiseerde aanwijzingen bestaan dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen.”.
De directie schrijft in zijn beslissing dat mevrouw [x] slachtoffer zou zijn. De klachtencommissie is van oordeel dat de elementen die worden vermeld in de motivering waaruit zou blijken dat het ongestoord bezoek tussen klager en zijn partner een risico voor de integriteit van zijn partner onvoldoende actueel en concreet zijn. Op de zitting van de klachtencommissie werd bevestigd dat mevrouw [x] vaak op bezoek komt. Er zijn geen overige meldingen van agressie-incidenten op naam van klager.
De klachtencommissie besluit daarom dat er in de bestreden beslissing onvoldoende actuele individuele aanwijzingen zijn vermeld waaruit moet blijken dat het ongestoord bezoek tussen klager en zijn partner een gevaar voor de orde of de veiligheid zou vormen. De klacht is daarom gegrond. De klachtencommissie vernietigt de weigeringsbeslissing. De klachtencommissie draagt de directie, in toepassing van artikel 158, §3, 1° van de Basiswet, op om binnen één maand na de kennisgeving van de beslissing van de klachtencommissie een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
De klachtencommissie kent aan klager de volgende tegemoetkoming toe: één extra ongestoord bezoek dat dient te worden ingepland binnen de drie maanden vanaf de betekening van huidige beslissing.
Over de verlenging van de wachttermijn: klager verwijst niet naar een beslissing door of namens de directie van een bepaalde datum. Hij maakt ook niet duidelijk waarover de beslissing gaat of waarom hij het niet eens is met deze beslissing. Het is aan klager om zo duidelijk mogelijk te vermelden waarover hij klacht indient en waarom. Uit de klacht van klager kan dit niet worden opgemaakt. De klacht is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
Er werd een beroepsdossier met referentie BC/26-0327 opgestart