KC05/22-0195
Ongegrond
KC - Brugge
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
HYGIËNE
De klacht gaat over een beslissing van de directie die tot gevolg had dat klager geen warm water kreeg en niet mocht douchen. Volgens klager besliste de directie, vermoedelijk naar aanleiding van een incident tussen een beambte en een gedetineerde, om de deuren een hele dag gesloten te houden. Klager vroeg aan een beambte om warm water te krijgen om zich te wassen of de toelating om te douchen, maar dit werd niet toegestaan. Dat de directie naar aanleiding van een incident heeft beslist om alle deuren gesloten te houden, zo ook de deur van klager, wordt niet betwist. Dit betreft naar het oordeel van de klachtencommissie wel degelijk een klacht over een directiebeslissing die betrekking heeft op de individuele situatie van klager en dus een beklagenswaardige beslissing. Wat betreft de gegrondheid wordt niet betwist dat klager wel over – koud – water beschikte om zich op die welbewuste dag te wassen en zijn persoonlijke hygiëne te verzorgen. Het gegeven dat dit eenmalig met koud water diende te gebeuren, is naar het oordeel van de klachtencommissie niet onwettig, noch onredelijk of onbillijk. De klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
De klacht gaat over een beslissing van de directie die tot gevolg had dat klager geen warm water kreeg en niet mocht douchen. Volgens klager besliste de directie, vermoedelijk naar aanleiding van een incident tussen een beambte en een gedetineerde, om de deuren een hele dag gesloten te houden. Klager vroeg aan een beambte om warm water te krijgen om zich te wassen of de toelating om te douchen, maar dit werd niet toegestaan. Dat de directie naar aanleiding van een incident heeft beslist om alle deuren gesloten te houden, zo ook de deur van klager, wordt niet betwist. Dit betreft naar het oordeel van de klachtencommissie wel degelijk een klacht over een directiebeslissing die betrekking heeft op de individuele situatie van klager en dus een beklagenswaardige beslissing. Wat betreft de gegrondheid wordt niet betwist dat klager wel over – koud – water beschikte om zich op die welbewuste dag te wassen en zijn persoonlijke hygiëne te verzorgen. Het gegeven dat dit eenmalig met koud water diende te gebeuren, is naar het oordeel van de klachtencommissie niet onwettig, noch onredelijk of onbillijk. De klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.