TUCHT – GEÏNTERNEERDE – MOTIVERING
Klager, die het statuut van geïnterneerde heeft, diende klacht in tegen een tuchtbeslissing. De klachtencommissie verwijst vooreerst naar haar beslissingen in twee eerdere dossiers van dezelfde klager waarin tuchtsancties waren opgelegd. Zij brengt vervolgens in herinnering dat een gedetineerde enkel schuldig kan worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtrechtelijke inbreuk wanneer de directeur de feiten bewezen acht en de gedetineerde daaraan schuldig acht. Zodoende wordt vereist dat de feiten individueel toerekenbaar zijn. Dit toerekenbaarheidsvraagstuk vraagt bijzondere aandacht indien de pleger van de tuchtinbreuk een geïnterneerde is. De klachtencommissie verwijst naar een communicatie van het DG EPI van 2 december 2022.
In de bestreden tuchtbeslissing wordt enerzijds niet gemotiveerd waarom de directie klager, gelet op zijn statuut van geïnterneerde, toch verantwoordelijk achtte voor zijn daden. Dit blijkt ook niet uit enig ander document. Anderzijds blijkt ook niet dat er een advies van de psychiater werd gevraagd. Uit de bestreden beslissing blijkt dus niet waarom volgens de directie de gepleegde feiten aan klager konden worden toegerekend. De klacht is dus ontvankelijk en gegrond.
Klager, die het statuut van geïnterneerde heeft, diende klacht in tegen een tuchtbeslissing. De klachtencommissie verwijst vooreerst naar haar beslissingen in twee eerdere dossiers van dezelfde klager waarin tuchtsancties waren opgelegd. Zij brengt vervolgens in herinnering dat een gedetineerde enkel schuldig kan worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtrechtelijke inbreuk wanneer de directeur de feiten bewezen acht en de gedetineerde daaraan schuldig acht. Zodoende wordt vereist dat de feiten individueel toerekenbaar zijn. Dit toerekenbaarheidsvraagstuk vraagt bijzondere aandacht indien de pleger van de tuchtinbreuk een geïnterneerde is. De klachtencommissie verwijst naar een communicatie van het DG EPI van 2 december 2022.
In de bestreden tuchtbeslissing wordt enerzijds niet gemotiveerd waarom de directie klager, gelet op zijn statuut van geïnterneerde, toch verantwoordelijk achtte voor zijn daden. Dit blijkt ook niet uit enig ander document. Anderzijds blijkt ook niet dat er een advies van de psychiater werd gevraagd. Uit de bestreden beslissing blijkt dus niet waarom volgens de directie de gepleegde feiten aan klager konden worden toegerekend. De klacht is dus ontvankelijk en gegrond.