Ga verder naar de inhoud

KC05/23-0077

Gegrond KC - Brugge Klachtencommissie Tucht
TUCHT – RECHTEN VAN VERDEDIGING – BIJSTAND ADVOCAAT

Klager heeft klacht ingediend tegen een tuchtsanctie. Hij stelt dat hij om bijstand van zijn advocate had gevraagd, maar dat de tuchtzitting is doorgegaan zonder zijn advocate. De directie stelt dat uit het verslag van de tuchtzitting blijkt dat klager werd bevraagd. Aangezien de hoorzitting kon plaatsvinden, betekent dit volgens de directie dat klager hiermee akkoord ging. De klachtencommissie stelt dat de gedetineerde het recht heeft om zich tijdens de tuchtprocedure te laten bijstaan door een advocaat. In het tuchtdossier zit geen enkel document waaruit blijkt of, hoe en wanneer de door klager opgegeven advocate zou zijn uitgenodigd voor deze tuchtzitting en of en wat hierop desgevallend zou zijn geantwoord door de advocate. De klachtencommissie kan bij gebreke aan enig document niet nagaan of de advocate van klager (op rechtmatige wijze) werd uitgenodigd. In weerwil van wat de directie in haar verweer aanvoert, blijkt voor de klachtencommissie niet dat uit het loutere feit dat de hoorzitting kon plaatsvinden, klager hier onmiddellijk ook mee akkoord ging. Er is in dit dossier een schending van de rechten van verdediging van klager. De klacht is ontvankelijk en gegrond.