Ga verder naar de inhoud

KC05/24-0015

Ongegrond KC - Brugge Klachtencommissie Ordemaatregel
ORDEMAATREGEL – ONTSLAG

Klager heeft klacht ingediend tegen een ordemaatregel waarbij hij werd afgezet van zijn werk als ‘fatik vestiaire’. Uit de ordemaatregel blijkt dat het ging over het bezit van een spuit en een fles wijn na terugkeer van een uitgaansvergunning. Naast en bovenop de verwijzing naar een RAD, wordt in de ordemaatregel nog verwezen naar de meer specifieke redenen waarom de directie een tewerkstelling van klager in de vertrouwensfunctie van ‘fatik vestiaire’ niet langer mogelijk en wenselijk achtte. Het bezit van een spuit en een fles wijn werd niet compatibel geacht met het gedrag dat de directie van een fatik verwacht. Daarenboven kon klager zich door deze functie doorheen de hele gevangenis bewegen én contacten onderhouden met verschillende andere personen. Dat de directie klager om deze redenen dan ook afzette van zijn vertrouwensfunctie als ‘fatik vestiaire’, is niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De klachtencommissie acht het niet aangetoond dat de directie deze ordemaatregel met een bestraffend oogmerk zou hebben genomen. De klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.