KC05/24-0065
Ongegrond
KC - Brugge
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
KLACHTENPROCEDURE – UITVOERING BESLISSING KLACHTENCOMMISSIE
Klager heeft klacht ingediend tegen de manier waarop de directie beslissing KC05/23-0231 heeft uitgevoerd. In dat dossier had klager klacht ingediend tegen de beslissing van de directie om hem niet in het bezit te stellen van een elektronische sigaret op batterijen, wat een door het huishoudelijk reglement toegelaten voorwerp betreft. De klacht werd ontvankelijk en gegrond verklaard. De klachtencommissie bepaalde dat, om de gevolgen van de vernietiging van de beslissing ongedaan te maken, klager op een door de directie te bepalen wijze in de mogelijkheid moest worden gesteld om op eigen kosten een elektronische sigaret op batterijen in zijn bezit te krijgen.
In het kader van het huidige dossier stelt de klachtencommissie vast dat de directie een drietal weken na de betekening van de beslissing in dossier KC05/23-0231 goedkeuring heeft gegeven aan klager om in het bezit te worden gesteld van een elektronische sigaret op batterijen. Dit diende tijdelijk te gebeuren via de buitenkantine. Door een miscommunicatie bleek de boekhouding niet op de hoogte te zijn van deze beslissing. Bovendien werd in dezelfde periode nog het nodige gedaan om een elektronische sigaret op batterijen op de kantinelijsten te plaatsen, zodat het op een eenvoudige manier mogelijk zou worden voor alle gedetineerden om dit voorwerp te bestellen. Gelet op deze specifieke omstandigheden volgt de klachtencommissie klager niet waar deze stelt dat de directie beslissing KC05/23-0231 niet zou hebben ‘toegepast’. De klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.
Klager heeft klacht ingediend tegen de manier waarop de directie beslissing KC05/23-0231 heeft uitgevoerd. In dat dossier had klager klacht ingediend tegen de beslissing van de directie om hem niet in het bezit te stellen van een elektronische sigaret op batterijen, wat een door het huishoudelijk reglement toegelaten voorwerp betreft. De klacht werd ontvankelijk en gegrond verklaard. De klachtencommissie bepaalde dat, om de gevolgen van de vernietiging van de beslissing ongedaan te maken, klager op een door de directie te bepalen wijze in de mogelijkheid moest worden gesteld om op eigen kosten een elektronische sigaret op batterijen in zijn bezit te krijgen.
In het kader van het huidige dossier stelt de klachtencommissie vast dat de directie een drietal weken na de betekening van de beslissing in dossier KC05/23-0231 goedkeuring heeft gegeven aan klager om in het bezit te worden gesteld van een elektronische sigaret op batterijen. Dit diende tijdelijk te gebeuren via de buitenkantine. Door een miscommunicatie bleek de boekhouding niet op de hoogte te zijn van deze beslissing. Bovendien werd in dezelfde periode nog het nodige gedaan om een elektronische sigaret op batterijen op de kantinelijsten te plaatsen, zodat het op een eenvoudige manier mogelijk zou worden voor alle gedetineerden om dit voorwerp te bestellen. Gelet op deze specifieke omstandigheden volgt de klachtencommissie klager niet waar deze stelt dat de directie beslissing KC05/23-0231 niet zou hebben ‘toegepast’. De klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.