Ga verder naar de inhoud

KC05/24-0156

Ongegrond Gegrond KC - Brugge Klachtencommissie Voorlopige maatregel Tucht
VOORLOPIGE MAATRREGEL – TUCHT – MOTIVERING

Klager heeft twee klachten ingediend.

De eerste klacht is gericht tegen een voorlopige maatregel. De klachtencommissie stelt vast dat de beslissing summier gemotiveerd is. In de beslissing wordt louter verwezen naar een vechtpartij die klager had met zijn celgenoot. Er wordt niet expliciet vermeld in de beslissing waarom deze feiten een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid uitmaakten. Uit de in de Basiswet opgenomen definitie van interne veiligheid blijkt echter dat daaronder ook de toestand valt “waarbij […] de fysieke integriteit van personen gevrijwaard wordt”. Hoewel dit beter expliciet in de motivering van de voorlopige maatregel was opgenomen, is het voor de klachtencommissie duidelijk genoeg waarom de directie op basis van de in het RAD beschreven feiten (een vechtpartij met zijn celgenoot) van oordeel was dat er een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid was die het opleggen van een voorlopige maatregel ten aanzien van klager rechtvaardigde. De klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.

De tweede klacht is gericht tegen een tuchtsanctie van drie weken ATV wegens twee tuchtinbreuken van eerste categorie, zijnde enerzijds de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee en anderzijds de opzettelijke beschadiging of vernieling van andermans roerende of onroerende goederen, of de bedreiging daarmee. De klachtencommissie wijst er vooreerst op dat de tuchtbeslissing summier gemotiveerd is. Dat de directie klager schuldig achtte aan de inbreuk van de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee is niet onwettig, onredelijk of onbillijk. De klachtencommissie is van oordeel dat uit de motivering van de tuchtbeslissing echter niet blijkt waarom de directie klager schuldig achtte aan de inbreuk van de opzettelijke vernieling of beschadiging van andermans roerende of onroerende goederen, of de bedreiging daarmee. Over deze inbreuk wordt niets vermeld in de motivering van de tuchtbeslissing, noch in feite noch in rechte. De klacht is ontvankelijk en gegrond.