KC05/24-0300
Gegrond
Tegemoetkoming
KC - Brugge
Klachtencommissie
Fouille op het lichaam
FOUILLE OP HET LICHAAM - MOTIVERING - TEGEMOETKOMING
De eerste klacht gaat over de beslissing van 7 september 2024 van de directie van de gevangenis van Brugge tot fouillering op het lichaam van klager.
De tweede klacht gaat over de beslissing van 9 september 2024 van de directie van de gevangenis van Brugge tot fouillering op het lichaam van klager.
Over de eerste klacht (fouillering van 7 september 2024):
De klachtencommissie is van oordeel dat het louter drie keer een signaal geven aan de metaaldetectieportiek op zich genomen geen voldoende precieze individuele aanwijzing is waaruit bleek dat klager in het bezit was van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk konden zijn. De klachtencommissie kan aannemen dat het blijvend signaal geven aan de metaaldetectie de aanleiding kan vormen voor verder onderzoek, zoals bijvoorbeeld een controle met een handscanner. Klager stelt dat de onderzoeken met een handscanner die waren gebeurd nadat hij een signaal had veroorzaakt aan de metaaldetectieportiek negatief waren. Dit wordt niet betwist in het verweer. Welke individuele aanwijzingen er dan ook nog bestonden ten aanzien van klager die een fouillering op zijn lichaam zouden hebben gerechtvaardigd, blijkt niet uit de bestreden beslissing. De eerste klacht is gegrond.
Over de tweede klacht (fouillering van 9 september 2024):
De bestreden beslissing van 9 september 2024 werd bijna identiek gemotiveerd als de bestreden beslissing van 7 september 2024:
“Naar aanleiding van driemaal signaal aan de metaaldetectie bij het binnenkomen van de wandeling. Dit om uit te sluiten dat betrokkene in het bezit is van verboden goederen”. De klachtencommissie herneemt voor wat betreft deze klacht haar redenering die werd uiteengezet met betrekking tot de beslissing tot fouillering op het lichaam van 7 september 2024. De tweede klacht is om dezelfde redenen gegrond.
De klachtencommissie kent als tegemoetkoming, voor beide klachten samen, een gratis belkrediet toe van € 15,00.
De eerste klacht gaat over de beslissing van 7 september 2024 van de directie van de gevangenis van Brugge tot fouillering op het lichaam van klager.
De tweede klacht gaat over de beslissing van 9 september 2024 van de directie van de gevangenis van Brugge tot fouillering op het lichaam van klager.
Over de eerste klacht (fouillering van 7 september 2024):
De klachtencommissie is van oordeel dat het louter drie keer een signaal geven aan de metaaldetectieportiek op zich genomen geen voldoende precieze individuele aanwijzing is waaruit bleek dat klager in het bezit was van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk konden zijn. De klachtencommissie kan aannemen dat het blijvend signaal geven aan de metaaldetectie de aanleiding kan vormen voor verder onderzoek, zoals bijvoorbeeld een controle met een handscanner. Klager stelt dat de onderzoeken met een handscanner die waren gebeurd nadat hij een signaal had veroorzaakt aan de metaaldetectieportiek negatief waren. Dit wordt niet betwist in het verweer. Welke individuele aanwijzingen er dan ook nog bestonden ten aanzien van klager die een fouillering op zijn lichaam zouden hebben gerechtvaardigd, blijkt niet uit de bestreden beslissing. De eerste klacht is gegrond.
Over de tweede klacht (fouillering van 9 september 2024):
De bestreden beslissing van 9 september 2024 werd bijna identiek gemotiveerd als de bestreden beslissing van 7 september 2024:
“Naar aanleiding van driemaal signaal aan de metaaldetectie bij het binnenkomen van de wandeling. Dit om uit te sluiten dat betrokkene in het bezit is van verboden goederen”. De klachtencommissie herneemt voor wat betreft deze klacht haar redenering die werd uiteengezet met betrekking tot de beslissing tot fouillering op het lichaam van 7 september 2024. De tweede klacht is om dezelfde redenen gegrond.
De klachtencommissie kent als tegemoetkoming, voor beide klachten samen, een gratis belkrediet toe van € 15,00.