TUCHT - ATV - VERBODEN SUBSTANTIES - ONGEGROND
De klacht betreft de tuchtbeslissing van 18 maart 2024 van de directie van de gevangenis.
Er werd op de cel van klager een verdachte substantie gevonden. De klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie die bestaat uit 15 dagen ATV omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan ‘het bezit van of de handel in, door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’. Klager ontkent op de tuchtrechtelijke hoorzitting dat de substantie drugs is en zegt dat dit kaneelpoeder is. Uit het bericht van de politie blijkt dat er wel degelijk sprake was van een verboden substantie. De klachtencommissie acht deze tuchtinbreuk dan ook bewezen.
De directie kon aan klager voor deze tuchtinbreuk van de eerste categorie maximaal 30 dagen ATV opleggen. Klager kreeg 15 dagen ATV. De klachtencommissie acht de tuchtsanctie in verhouding tot de gepleegde inbreuk. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.
De klacht betreft de tuchtbeslissing van 18 maart 2024 van de directie van de gevangenis.
Er werd op de cel van klager een verdachte substantie gevonden. De klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie die bestaat uit 15 dagen ATV omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan ‘het bezit van of de handel in, door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’. Klager ontkent op de tuchtrechtelijke hoorzitting dat de substantie drugs is en zegt dat dit kaneelpoeder is. Uit het bericht van de politie blijkt dat er wel degelijk sprake was van een verboden substantie. De klachtencommissie acht deze tuchtinbreuk dan ook bewezen.
De directie kon aan klager voor deze tuchtinbreuk van de eerste categorie maximaal 30 dagen ATV opleggen. Klager kreeg 15 dagen ATV. De klachtencommissie acht de tuchtsanctie in verhouding tot de gepleegde inbreuk. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.