Ga verder naar de inhoud

KC06/25-0162

Gegrond KC - Dendermonde Klachtencommissie Tucht Ordemaatregel
TUCHT – ORDEMAATREGEL – ARBEID

Klager dient een klacht in tegen een tuchtbeslissing en een afzetting van werk.

- Wat betreft de tuchtbeslissing

Klager betwist de feiten en heeft op de tuchtrechtelijke hoorzitting aan de directie gevraagd om de camerabeelden te bekijken. De klachtencommissie stelt vast dat de directeur de feiten bewezen acht, zich steunend op o.a. de camerabeelden. Klager en zijn medegedetineerde geven tegenstrijdige verklaringen, waardoor de directie de camerabeelden na de tuchtrechtelijke hoorzitting bekeken heeft.

De klachtencommissie stelt dus vast dat de directie de camerabeelden heeft bekeken zonder deze evenwel aan tegenspraak te onderwerpen. De directie kan voor een tuchtzitting de camerabeelden bekijken, aangezien zij zich voorafgaand aan een tuchtzitting alle nuttige informatie laat bezorgen voor de beoordeling van de zaak. Zo heeft klager gevraagd op de tuchtrechtelijke hoorzitting om de beelden te bekijken.

Dat de directie zich minstens deels heeft gesteund op vaststellingen naar aanleiding van het bekijken van de camerabeelden valt niet uit te sluiten. Er is naar het oordeel van de klachtencommissie, gelet op alle bovenvermelde omstandigheden, een schending van de rechten van verdediging van klager.

Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing.

- Wat betreft de ordemaatregel

Klager beklaagt zich over een afzetting van werk. Klager was tewerkgesteld en het voelt voor hem als dubbele bestraffing dat hij ook werd ontslagen.

Hoewel de directie er zich inderdaad moet van vergewissen dat een ontslag, dat gelijktijdig met een tuchtsanctie wordt opgelegd, zich niet voordoet als een bijkomende (verdoken) tuchtmaatregel, merkt de klachtencommissie op dat het ontslag voortvloeit uit voormelde feiten (cfr. tuchtprocedure).

Bovendien stelt de klachtencommissie vast dat de directie geen melding maakt van eerdere incidenten op het werk waarbij klager betrokken was, eerdere waarschuwingen of antecedenten van dezelfde aard.

De klachtencommissie meent om bovenstaande redenen en gelet op de gegrondheid van de klacht tegen de tuchtbeslissing, dat de beslissing om klager af te zetten van werk in de grootkeuken onredelijk is.

De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de bestreden ordemaatregel.