Ga verder naar de inhoud

KC06/25-0211

Gegrond KC - Dendermonde Klachtencommissie Tucht
TUCHT - MOTIVERING - KWALIFICATIE FEITEN - HUISHOUDELIJK REGLEMENT

In het voorliggend dossier heeft de directeur zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen zoals opgenomen in het RAD van 26 juni 2025. Hierin wordt beschreven hoe klager na terugkeer van een uitgaansvergunning aan een gerechtelijke fouille werd onderworpen. Wanneer de politie vraagt of hij iets wenst af te geven, haalt klager een pakketje lange blaadjes, gewikkeld in plastic folie uit zijn boxershort. Ter tuchtzitting erkende klager de feiten. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte. De klachtencommissie acht de tuchtbeslissing echter gebrekkig op de volgende punten. De klachtencommissie herhaalt dat het niet de bedoeling is dat de motivering van een tuchtbeslissing enkel kan begrepen worden door ze samen te lezen met het RAD. De directie dient de feiten die in het RAD werden beschreven in de motivering zelf te hernemen (kort omschrijven) alvorens over te gaan tot de kwalificatie. Enkel op die manier is het duidelijk welke feiten door de directie als bewezen worden beschouwd en welke kwalificatie ze eraan geeft. In het voorliggend dossier is de motivering van de tuchtbeslissing een loutere opsomming van bepalingen uit de Basiswet en het huishoudelijk reglement. Voorts wordt er gezegd dat klager ter tuchtzitting zei dat “de feiten in het rapport” kloppen en dat hij een domme fout heeft begaan. Opnieuw worden de feiten niet geëxpliciteerd. De directie kwalificeerde de feiten als het niet naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen (artikel 130, 2° Basiswet). Hoewel de klachtencommissie deze kwalificatie op zich correct acht, werd ook hier in de motivering niet verduidelijkt in welke zin de feiten een inbreuk op het huishoudelijk reglement uitmaakten. Volgens de klachtencommissie diende de directie te verwijzen naar de concrete regel uit het huishoudelijk reglement die door klager overtreden werd. Gelet op deze tekortkomingen oordeelt de klachtencommissie dat de tuchtbeslissing niet voldoet aan artikel 144, §6, tweede lid j° artikel 8 Basiswet. De klacht is gegrond. De klachtencommissie kent geen tegemoetkoming toe.