Ga verder naar de inhoud

KC06/26-0055

Ongegrond KC - Dendermonde Klachtencommissie Tucht
TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES

Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens ‘het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’.

De klachtencommissie oordeelt dat het RAD voldoende duidelijk is. Daarin wordt vermeld dat er een verdachte geur uit de cel van betrokkene kwam en dat hij zou hebben toegegeven drugs te hebben gebruikt. Daarnaast is betrokkene bekend met een drugsproblematiek. De enkele omstandigheid dat betrokkene deze vaststellingen en de vermeende bekentenis tijdens de tuchtzitting betwist, volstaat volgens de klachtencommissie niet om de inhoud of de betrouwbaarheid van het RAD in twijfel te trekken.

De directeur legde een voorwaardelijke tuchtsanctie gedurende twee maanden op in de vorm van 7 dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van de eerste categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie 30 dagen ATV. De tuchtsanctie was dus wettig.

De klachtencommissie vindt de opgelegde sanctie ook niet onredelijk. Daarbij is rekening gehouden met het feit dat het om een voorwaardelijke tuchtsanctie van zeven dagen ATV gaat. Ook is meegewogen dat de sanctie alleen is gebaseerd op een zintuiglijke waarneming en dat er geen verboden substanties zijn gevonden.

Om deze redenen is de klacht niet gegrond.