Ga verder naar de inhoud

KC06/26-0076

Ongegrond KC - Dendermonde Klachtencommissie Voorlopige maatregel
VM - VERBODEN SUBSTANTIES

Klager stelt op zijn klachtenformulier dat hij het niet eens is dat ze hem betichten van de handel in verboden middelen, louter op basis van vermoedens. De klachtencommissie is echter van oordeel dat gelet op de hoeveelheid van de aangetroffen onbekende substanties deze voorlopige maatregel, namelijk de uitsluiting van alle gemeenschappelijke activiteiten, noodzakelijk was in afwachting van verder onderzoek door de directie. Het ging immers om een hoeveelheid onbekende substanties die de gebruikershoeveelheid overschrijdt, namelijk 189 gram aan witte substanties, wat het risico op de handel in drugs alsook het risico op fysieke afrekening of andere drukkingsmiddelen met zich mee kan brengen. Dit werd ook duidelijk gemotiveerd door de directie. Ook de omstandigheid dat klager deze onbekende substanties illegaal via het bezoek heeft laten binnenbrengen, mocht de directie mee in overneming nemen. De voorlopige maatregel werd niet genomen met het oog op de onmiddellijke bestraffing, maar enkel in afwachting van verder onderzoek. Het ging immers niet om een tuchtbeslissing zelf, maar om een tijdelijke voorlopige maatregel.

De klachtencommissie is van oordeel dat de beslissing tot het opleggen van de voorlopige maatregel wettig was. Gelet op de feiten was de voorlopige maatregel ook niet onredelijk of onbillijk. De beslissing tot voorlopige maatregel werd voldoende gemotiveerd. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.