Ga verder naar de inhoud

KC09/23-0152

Gegrond KC - Gent Klachtencommissie Andere beslissing directeur
TUCHT - SCHORSING - GEÏNTERNEERDE - UITVOERING

Klager dient klacht in tegen de niet-uitvoering van de beslissing van de voorzitter van de klachtencommissie tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de tuchtbeslissing. Het niet (onmiddellijk) uitvoeren van deze beslissing door de directie betreft naar het oordeel van de klachtencommissie een situatie waarmee klager zich wel degelijk tot de klachtencommissie kan wenden. De klacht is ontvankelijk.

De beslissing tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de tuchtbeslissing werd verstuurd aan het hele directieteam en aan het klachtenbureau op maandag 21 augustus 2023 om 17u30. In de e-mail werd gevraagd onmiddellijk uitvoering te geven aan de beslissing. De beslissing tot schorsing werd overhandigd aan klager op 23 augustus 2023. De klachtencommissie kan niet nagaan of op datzelfde moment ook de tuchtsanctie werd stopgezet.
De door klager ondertekende beslissing werd aan de klachtencommissie bezorgd op 24 augustus 2023. Uit het register van het verblijf van klager in de strafcel blijkt alleszins dat klager minstens op 23 augustus 2023 nog in de strafcel aanwezig was. Uit datzelfde register blijkt ook dat klager op 22 augustus 2023 zelf aan de directeur meldde dat de klachtencommissie de tuchtsanctie geschorst had.

De directie bezorgde geen verweer met betrekking tot deze klacht. De directie heeft geen enkele reden aangebracht waarom geen onmiddellijk gevolg werd gegeven aan de schorsingsbeslissing van de voorzitter van de klachtencommissie. De klachtencommissie ziet dus niet in waarom de beslissing niet onmiddellijk of ten laatste op 22 augustus 2023 meteen aan klager ter kennis werd gebracht en werd uitgevoerd, zeker gelet op de duidelijke vermelding in de e-mail van 21 augustus 2023 dat onmiddellijk uitvoering aan de beslissing diende gegeven te worden.

Er was geen wettelijke basis voor de niet-uitvoering van de schorsingsbeslissing van de voorzitter van de klachtencommissie. De niet-uitvoering van de schorsingsbeslissing is dus onwettig.
De klacht is gegrond.