Ga verder naar de inhoud

KC09/24-0059

Ongegrond KC - Gent Klachtencommissie Ordemaatregel
ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG - WANDELING

De klacht is gericht tegen een beslissing van de directie van de gevangenis waarbij klager werd afgezet van zijn werk en van wandeling diende te veranderen.

De bevoegdheid van de directie met betrekking tot het toewijzen of afnemen van werk wordt niet nader geregeld in de wet waardoor ook de beslissingen die zij in dat kader kan nemen niet aan specifieke wettelijke voorwaarden dienen te voldoen. In de richtlijnen van de Directie Juridische Dienst (van DG EPI) van 18 juni 2015 over “Arbeid – tucht – veiligheidsmaatregel” worden evenwel 4 mogelijke situaties beschreven, die elk met bepaalde gevolgen gepaard gaan.

Het ontslag van klager kadert duidelijk in de tweede situatie van de dienstnota: klager werd niet (langer) geschikt bevonden voor het werk op basis van verschillende meldingen over ongepast gedrag, waaronder het beledigen van een medegedetineerde. De ordemaatregel legt aan klager geen verdere restricties op, zodat klager zich meteen kandidaat kon stellen voor een andere functie als fatiek of diender binnen de inrichting of zich opnieuw op de wachtlijst voor de werkhuizen kon laten plaatsen.

De klachtencommissie acht het niet onredelijk dat er in de gevangenis om organisatorische redenen een onderscheid wordt gemaakt tussen een wandeling voor werkers en een wandeling voor niet-werkers. Dat klager van wandeling diende te veranderen vloeide dan ook automatisch voort uit de afzetting van zijn werk. Uit de klacht van klager blijkt niet welke problemen hij op de “gele” wandeling zou hebben, noch dat hij deze problemen aankaartte bij de directie.

De klachtencommissie acht het ontslag van klager, gepaard met de verandering van wandeling dan ook niet onwettig, onredelijk of onevenredig. De klacht is ongegrond.