Ga verder naar de inhoud

KC09/25-0146

Ongegrond Gegrond KC - Gent Klachtencommissie Bijzondere veiligheidsmaatregel
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - MOTIVERING

De klacht betreft de beslissing van 25 maart 2025 van de directie van de gevangenis van Gent waarbij een bijzondere veiligheidsmaatregel (hierna: ‘BVM’) ten aanzien van klager werd opgelegd en de beslissing waarbij deze voor de eerste keer werd verlengd.

- De BVM van 25 maart 2025

In voorliggende zaak oordeelde de directeur dat er een gevaar voor de orde en de veiligheid bestond op basis van onvoorspelbaar, vreemd, opgefokt, ongeremd en verbaal agressief gedrag van klager, beschreven in twee RAD. De bedoeling van de directie was om de situatie te verbeteren door het aantal prikkels voor klager te verminderen en op die manier de orde en de veiligheid van eenieder binnen de inrichting te kunnen vrijwaren en escalatie van het gedrag te vermijden.

Op basis van de aanwijzingen kon de directie naar het oordeel van de klachtencommissie wel degelijk besluiten dat er een gevaar voor de orde en veiligheid bestond. De BVM werd voldoende gemotiveerd en was ten aanzien van klager dan ook gerechtvaardigd. Voor de klachtencommissie is bovendien duidelijk dat de directie ten aanzien van klager niet gehandeld heeft met een repressief of bestraffend oogmerk. De BVM werd genomen vanuit veiligheidsoverwegingen, zowel ten aanzien van de personen aanwezig in de gevangenis als ten aanzien van klager zelf.

Klager werd gedurende een periode van 7 dagen uitgesloten van gemeenschappelijke activiteiten en werd ondergebracht in een hem toegewezen (mono)cel. Het is volgens de klachtencommissie duidelijk waarom de gekozen maatregelen de bedreiging konden verhelpen.

De beslissing van de directie is niet onwettig noch onredelijk. De klacht is ongegrond.

-De verlenging van de BVM

De directie werd op verschillende momenten in de mogelijkheid gesteld een schriftelijk verweer en de daarbij horende stukken van het dossier (zoals de bestreden beslissing) aan de klachtencommissie en aan klager over te maken. De klachtencommissie ontving, nu ruim 10 maanden na het indienen van de klacht, nog steeds geen enkel stuk.

De klachtencommissie besluit, in navolging van de rechtspraak van de Raad van State , dat de afwezigheid van een administratief dossier wordt gelijkgesteld met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissingen zijn gesteund. Bij gebreke aan dossier kan de klachtencommissie immers geen daadwerkelijke controle op de wettigheid, redelijkheid en billijkheid van de aangevochten beslissing uitoefenen.

De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de bestreden bijzondere veiligheidsmaatregel.

De klachtencommissie kent aan klager als tegemoetkoming 70 belminuten toe.