Ga verder naar de inhoud

KC09/25-0460

Gegrond KC - Gent Klachtencommissie Fouille op het lichaam
FOUILLE LICHAAM - MOTIVERING
De klacht is gericht tegen twee fouilleringen op het lichaam. In de motivering van de eerste fouillering op het lichaam motiveert de directie niet waarom een kledijfouille niet had kunnen volstaan. De klachtencommissie meent dat de directie aan de hand van een handdetectie of een fouillering aan de kledij wel degelijk in eerste instantie de voorwerpen zou kunnen vinden die het positief signaal opleverden. De klachtencommissie meent dat de directie onvoldoende gemotiveerd heeft waarom zij meteen overgaat op een fouillering op het lichaam. De klacht tegen de eerste fouillering op het lichaam is gegrond.

De directie motiveert in de tweede beslissing tot fouillering op het lichaam niet waarom zij van mening is dat klager deze verboden substantie verborgen heeft op het lichaam. De directie gaat opnieuw niet over tot minder ingrijpende maatregelen zoals een fouillering aan de kledij en motiveert ook niet concreet waarom zij dit niet nodig acht. Bovendien blijkt uit het dossier dat de fouillering op het lichaam voor of tegelijk met de celcontrole plaatsvond. De klachtencommissie meent, in lijn met de rechtspraak van de Beroepscommissie, dat de fouillering op het lichaam een subsidiair karakter heeft en beschouwd moet worden als ultimum remedium, dat een dergelijke celcontrole eerst zou moeten plaatsvinden om uit te sluiten dat de bewuste verboden substantie op die manier niet al gevonden kan worden. De klacht tegen de tweede fouillering op het lichaam is gegrond.