Ga verder naar de inhoud

KC09/26-0125

Ongegrond Gegrond KC - Gent Klachtencommissie Voorlopige maatregel Tucht
VOORLOPIGE MAATREGEL - TUCHT - BEWIJS - GEÏNTERNEERDE - MOTIVERING
Het rapport aan de directeur (RAD) beschrijft hoe klager een vuistslag gaf naar het gezicht van een medegedetineerde, waarop een vechtpartij ontstond. De klacht is ten eerste gericht tegen de voorlopige maatregel tot verplicht verblijf in de toegewezen verblijfsruimte opgelegd wegens de ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. De klachtencommissie meent dat uit het RAD duidelijk blijkt dat er sprake was van een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid. Hoewel de advocaat in de klacht stelt dat klager in wezen het slachtoffer was, meent de klachtencommissie dat het niet onredelijk is voor de directie om een voorlopige maatregel op te leggen op grond van de vaststellingen uit het RAD, zonder dat een volledig onderzoek naar de feiten heeft plaatsgevonden. De klacht tegen de voorlopige maatregel is ongegrond.

De klacht is verder gericht tegen de tuchtbeslissing die volgde op deze feiten. De klachtencommissie meent dat het niet onredelijk was voor de directie om de tuchtinbreuk bewezen te achten op basis van het RAD. De directie heeft dit afdoende gemotiveerd in de tuchtbeslissing. De directie heeft in de tuchtbeslissing echter op geen enkele manier gemotiveerd waarom de feiten toerekenbaar zouden zijn aan klager, ondanks zijn statuut als geïnterneerde. Zij verwijst nergens naar het interneringsstatuut van klager. De directie heeft haar motiveringsplicht dan ook geschonden. De klacht tegen de tuchtbeslissing is gegrond.