Ga verder naar de inhoud

KC10/23-0063

Ongegrond Onontvankelijk KC - Hasselt Klachtencommissie Voorlopige maatregel Tucht
VOORLOPIGE MAATREGEL - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - TUCHT

Uit zijn klachtenformulier blijkt dat klager een klacht heeft ingediend tegen een voorlopige maatregel. Uit het verweer van de directie blijkt dat er geen voorlopige maatregel werd opgelegd. Bij gebreke aan een beslissing van de directeur, is deze klacht onontvankelijk.

Er werd een rapport opgesteld voor klager. In de namiddag beweerde klager dat hij nog recht had op een douche. Opsteller van het RAD ging dit nakijken op de douchelijst maar stelde vast dat klager ’s morgens al had gedoucht. Nadat opsteller dit was gaan melden bij klager, barstte klager uit in razernij en zei hij dat hij recht had om op eender welk moment van de dag te douchen. Klager klopte op zijn microgolfoven en eiste om de adjudant te spreken. Ook nadat opsteller de celdeur van klager had gesloten, bleef hij slaan op zijn interieur en verweet hij het personeel. Klager zou gezegd hebben dat hij een crimineel is en dat zij (het personeel) de gevolgen maar moesten dragen. Het personeel kreeg klager niet bedaard. Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting verklaarde klager dat hij niet had gedoucht. De beweerdelijke registratie van zijn douche klopte niet. Klager erkent dat hij dan zijn geduld is verloren en dat hij uit frustratie op zijn microgolfoven heeft geslagen. Volgens de directeur is het niet de eerste keer dat klager zo’n gedrag vertoont, hetgeen klager ontkent. De directeur achtte de tuchtrechtelijke inbreuk van de opzettelijke aantasting van de orde (inbreuk van eerste categorie) bewezen en legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van drie dagen ATV. De klachtencommissie heeft kennis genomen van het RAD waaruit de agressieve en dreigende houding van klager blijkt. Het RAD werd, naast de opsteller, ondertekend door twee getuigen. Zelfs indien de bewering van klager zou kloppen dat hij die dag toch nog niet had gedoucht, rechtvaardigt dit dergelijke disproportionele reactie niet. De klachtencommissie is van oordeel dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren. De klacht is ongegrond.