Ga verder naar de inhoud

KC10/25-0178

Gegrond KC - Hasselt Klachtencommissie Tucht
TUCHT

Een beslissing tot het opstarten van een tuchtprocedure is eveneens een beslissing van de directeur in de zin van artikel 148 Basiswet, waardoor ze beklagwaardig is. De directie kon geen schriftelijke stukken meer voorleggen. Uit de klacht en het verweer blijken echter dat de directie aanvankelijk besloot dat het bezit van de USB-stick door klager een tuchtrechtelijk gevolg vereiste. Aangezien klager echter toestemming had (van zowel de familierechtbank als de directie) om deze USB-stick in zijn bezit te hebben, was deze beslissing onterecht. Dat deze beslissing genomen werd op basis van foutieve of gebrekkige informatie in SIDIS-suite doet daar geen afbreuk aan. Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie stelt (bij gebrek aan schriftelijke stukken: op basis van het verweer) vast dat de directie zelf terugkwam op haar beslissing om een tuchtprocedure op te starten en klager terug in het bezit stelde van zijn USB-stick alvorens er daadwerkelijk een tuchtbeslissing werd genomen, waardoor de gevolgen van de vernietigde beslissing voldoende ongedaan gemaakt werden.