Ga verder naar de inhoud

KC16/22-0106

Ongegrond KC - Leuven Centraal Klachtencommissie Andere beslissing directeur
CEL

De bevoegdheid van de directie tot toewijzing van een verblijfsruimte aan een gedetineerde wordt niet nader geregeld in de Basiswet waardoor ze op discretionaire wijze wordt uitgeoefend. De klachtencommissie kan hierdoor enkel overgaan tot het toetsen van de redelijkheid van de beslissing.

De directie heeft bij haar beslissing tot overplaatsing rekening gehouden met het agressie-incident waarbij klager een medegedetineerde had verwond in zijn nek naar aanleiding van een aanslepende discussie. Na het incident hebben verschillende gedetineerden aan het personeel gemeld dat klager hen afperst en dat hij problemen veroorzaakt. Klager heeft hiervoor een tuchtsanctie gekregen van 7 dagen ATV voor de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van zijn medegedetineerde. Zelf zou klager op de tuchthoorzitting gezegd hebben dat hij vreest voor zijn eigen veiligheid.

De klachtencommissie is van oordeel dat de beslissing van de directeur om klager naar een andere vleugel over te brengen niet onredelijk of onbillijk is. Op die manier kan de orde terugkeren op de vleugel. Veel gedetineerden gaven aan dat het niet meer ging met klager, klager gaf zelf ook aan dat hij gefrustreerd raakte door de aanslepende discussie met zijn medegedetineerde. De klachtencommissie besluit dat de regimemutatie een correcte oplossing was met het oog op de vrijwaring van de orde en veiligheid. Fysiek agressie en afpersing kunnen niet geduld worden, en al zeker niet in een opendeurregime.

Tenslotte vereisen noch de Basiswet, noch het huishoudelijke reglement dat de beslissing schriftelijk moet worden meegedeeld aan de gedetineerde. Bovendien weerlegt de directie in haar verweer de bewering van klager dat hij op voorhand niet wist dat een overplaatsing er zat aan te komen. De klacht is ongegrond.