Ga verder naar de inhoud

KC16/23-0073

Ongegrond KC - Leuven Centraal Klachtencommissie Voorlopige maatregel
VOORLOPIGE MAATREGEL

De klacht betreft de voorlopige maatregel die werd opgelegd door de directie van de gevangenis.

Er werd een RAD opgesteld teneinde een incident te melden aan de directeur. Omstreeks 19u30 was de opsteller post aan het bedelen op vleugel E toen die een discussie en schermutseling hoorde. Het personeelslid haastte zich naar de bewuste cel vanwaar het geluid kwam en drukte alvorens op het alarm. Toen men aankwam aan de cel was de schermutseling plots opgehouden. Klager en een andere gedetineerde waren beiden kortademig en toonden allebei verwondingen. Nochtans zeiden ze dat het louter een discussie was. Ingevolge bovenstaand RAD, heeft de directeur beide gedetineerden een voorlopige maatregel opgelegd omdat zij van oordeel was dat de interne veiligheid ernstig en opzettelijk was aangetast door de schermutseling. Vanaf 19u40 moest klager, in afwachting van de tuchtprocedure, verblijven in zijn cel en werd hij uitgesloten van deelname aan alle gemeenschappelijke activiteiten.

De interne veiligheid is een toestand waarbij in de gevangenis de fysieke integriteit van personen gevrijwaard wordt. De klachtencommissie is van oordeel dat een schermutseling tussen gedetineerden binnen een opendeurregime (waaronder vleugel E) een ernstige en opzettelijke aantasting van de orde en de veiligheid uitmaakt waarbij het risico op escalatie bovendien groot is. De klachtencommissie meent dat de beslissing tot het opleggen van een voorlopige maatregel wettig was.
Gelet op het opendeurregime waarin klager en de medegedetineerde verbleven, begrijpt de klachtencommissie dat het voor de directie noodzakelijk was om beide gedetineerden uit elkaar te houden opdat het incident verder onderzocht kon worden. Het was immers niet volledig duidelijk hoe de vork in de steel zat aangezien het personeel de schermutseling niet had gezien en beide gedetineerden verwondingen opliepen. De klachtencommissie besluit dat de directie bovendien in redelijkheid en billijkheid heeft beslist. Om deze redenen is de klacht ongegrond.