KC16/23-0183
Ongegrond
Gegrond
Onontvankelijk
KC - Leuven Centraal
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
Voorlopige maatregel
Tucht
TUCHT - VOORLOPIGE MAATREGEL - PUNTENSYSTEEM - MOTIVERING
De klacht betreft de beslissing met betrekking tot een voorlopige maatregel, de tuchtbeslissing en de beslissing tot het opleggen van vijf punten van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Over de voorlopige maatregel: de klachtencommissie stelt vast dat klager voorafgaand aan de tuchtbeslissing niet onder een voorlopige maatregel werd geplaatst. Bij gebreke aan een beslissing van de directie in die zin, is de klacht tegen een voorlopige maatregel kennelijk onontvankelijk.
Over de tuchtbeslissing: op basis van de duidelijke vaststellingen in het rapport aan de directeur (RAD) én zijn bekentenis tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting, besluit de klachtencommissie dat de directie het bezit van een smartphone, gevonden in de cel van klager tijdens een nationale sweeping, bewezen kon verklaren in hoofde van klager. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie kan maximaal dertig dagen ATV opgelegd worden zodat de tuchtsanctie wettig was. De klachtencommissie is bovendien van oordeel dat de tuchtsanctie niet onredelijk of onbillijk was gelet op het tuchtregister van klager. Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.
Over de beslissing tot het opleggen van vijf punten: De klachtencommissie besluit dat de motivering van de beslissing niet afdoende was, in die zin dat ze de gedetineerde niet in staat stelde om de beslissing en de motieven die tot de beslissing geleid hebben, te begrijpen. Om deze redenen is de klacht kennelijk gegrond
De klacht betreft de beslissing met betrekking tot een voorlopige maatregel, de tuchtbeslissing en de beslissing tot het opleggen van vijf punten van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Over de voorlopige maatregel: de klachtencommissie stelt vast dat klager voorafgaand aan de tuchtbeslissing niet onder een voorlopige maatregel werd geplaatst. Bij gebreke aan een beslissing van de directie in die zin, is de klacht tegen een voorlopige maatregel kennelijk onontvankelijk.
Over de tuchtbeslissing: op basis van de duidelijke vaststellingen in het rapport aan de directeur (RAD) én zijn bekentenis tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting, besluit de klachtencommissie dat de directie het bezit van een smartphone, gevonden in de cel van klager tijdens een nationale sweeping, bewezen kon verklaren in hoofde van klager. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie kan maximaal dertig dagen ATV opgelegd worden zodat de tuchtsanctie wettig was. De klachtencommissie is bovendien van oordeel dat de tuchtsanctie niet onredelijk of onbillijk was gelet op het tuchtregister van klager. Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.
Over de beslissing tot het opleggen van vijf punten: De klachtencommissie besluit dat de motivering van de beslissing niet afdoende was, in die zin dat ze de gedetineerde niet in staat stelde om de beslissing en de motieven die tot de beslissing geleid hebben, te begrijpen. Om deze redenen is de klacht kennelijk gegrond