Ga verder naar de inhoud

KC16/24-0101

Ongegrond Gegrond KC - Leuven Centraal Klachtencommissie Andere beslissing directeur Tucht
TUCHT - CAMERABEELDEN - PUNTENSYSTEEM - MOTIVERING - HUISHOUDELIJK REGLEMENT

De klacht is gericht tegen de tuchtbeslissing van 31.03.2024 en tegen de beslissing van de directie om vijf punten toe te kennen ingevolge deze tucht.

Wat betreft de tuchtbeslissing van 31.03.2024:
Klager werd op 31.03.2024 tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, een tuchtinbreuk van eerste categorie, naar aanleiding van feiten die werden meegedeeld in twee RAD’s van 29.03.2024 en twee observatienota’s van 29.03.2024 en 30.03.2024. De klachtencommissie stelt aan de hand van het verslag van de tuchtrechtelijke hoorzitting vast dat klager tegenover de directie verklaarde dat de discussie tussen de twee medegedetineerden tijdens de etensbedeling eerder die dag (observatienota van 30.03.2024) de aanleiding was voor het incident. Klager hoorde ’s avonds tumult en is de cel binnengegaan om beide gedetineerden uit elkaar te halen zodat het gevecht stopte.

De klachtencommissie meent dat alle bewijselementen duidelijk en eenduidig zijn. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager.
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van tien dagen ATV. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de ernst van de feiten. Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.

Wat betreft de toekenning van vijf punten:
Op het puntenbriefje dat klager ontving, staat: “De directie meldt u dat, ten gevolge van de beslissing van de tuchtsanctie 31.03.2024, 5 punten werden bijgeteld aan uw saldo met betrekking tot het basisregime. Uw saldo bedraagt momenteel 8 punten. Bij een score van 10 punten wordt automatisch tot een overplaatsing naar het basisregime besloten.“
De klachtencommissie, hierin gesteund door de beroepscommissie, meent dat niet voldoende aandacht werd besteed aan de motivering van deze beslissing. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing, het aantal punten en het puntensaldo naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is zeer algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom het in het kader van de orde en de veiligheid noodzakelijk was dat klager vijf punten kreeg. De klachtencommissie besluit dat de motivering van de beslissing niet afdoende was, in die zin dat ze de gedetineerde niet in staat stelde om de beslissing en de motieven die tot de beslissing geleid hebben, te begrijpen. De beslissing voldoet bijgevolg niet aan de vereiste zoals gesteld in artikel 8 van de Basiswet. Om deze redenen is de klacht kennelijk gegrond.