TUCHT
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel. . Uit het document mededeling aan de gedetineerde inzake de tuchtprocedure blijkt dat klager in kennis werd gesteld dat er een tuchtprocedure werd opgestart en dat hij tijdens de zitting zou worden gehoord over het RAD. Op het document werd aangeduid dat klager geen bijstand van een advocaat wenste tijdens de hoorzitting en dat hij het document weigerde te ondertekenen voor ontvangst. Vervolgens blijkt uit de dossierstukken, hetgeen wordt bevestigd door de klacht, dat er geen hoorzitting werd gehouden omdat klager weigerde te worden gehoord. Ook deze verklaring weigerde hij te tekenen voor ontvangst. Voor het bewijs van de tuchtinbreuk heeft de directie zich gesteund op het RAD. De klachtencommissie meent dat dit RAD duidelijk werd opgesteld. Bovendien heeft de kwartierchef het RAD ondertekend als getuige. Klager was niet aanwezig tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting waardoor hij geen tegenargumenten heeft aangebracht die doen twijfelen aan de correctheid van het RAD. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie klager mocht sanctioneren op basis van dit RAD.
Voor het overige stelt de klachtencommissie vast dat:
- De tuchtbeslissing wel degelijk (digitaal) werd ondertekend door de directie;
- Tuchtbeslissingen volgens een sjabloon moeten worden opgesteld. Het sjabloon voor een tuchtbeslissing is voorzien in bijlage 5a bij Collectieve Brief nr. 124 van 6 september 2013. In dit sjabloon wordt standaard vermeld “Een kopie van dit document wordt, samen met het verslag van de hoorzitting, aan de gedetineerde overhandigd.” Aangezien klager weigerde te verschijnen op de hoorzitting, is er geen verslag van de hoorzitting opgemaakt zodat het ook niet aan klager kon overgemaakt worden.
- Uit het document mededeling aan de gedetineerde inzake de tuchtprocedure niet blijkt dat klager de naam van een advocaat heeft opgegeven, noch de aanstelling van een pro deo-advocaat heeft gevraagd zodat er van een schending van het recht op bijstand van een advocaat geen sprake is.
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van drie dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van tweede categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie vijftien dagen ATV. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was.
Om deze redenen is de klacht ongegrond.
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel. . Uit het document mededeling aan de gedetineerde inzake de tuchtprocedure blijkt dat klager in kennis werd gesteld dat er een tuchtprocedure werd opgestart en dat hij tijdens de zitting zou worden gehoord over het RAD. Op het document werd aangeduid dat klager geen bijstand van een advocaat wenste tijdens de hoorzitting en dat hij het document weigerde te ondertekenen voor ontvangst. Vervolgens blijkt uit de dossierstukken, hetgeen wordt bevestigd door de klacht, dat er geen hoorzitting werd gehouden omdat klager weigerde te worden gehoord. Ook deze verklaring weigerde hij te tekenen voor ontvangst. Voor het bewijs van de tuchtinbreuk heeft de directie zich gesteund op het RAD. De klachtencommissie meent dat dit RAD duidelijk werd opgesteld. Bovendien heeft de kwartierchef het RAD ondertekend als getuige. Klager was niet aanwezig tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting waardoor hij geen tegenargumenten heeft aangebracht die doen twijfelen aan de correctheid van het RAD. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie klager mocht sanctioneren op basis van dit RAD.
Voor het overige stelt de klachtencommissie vast dat:
- De tuchtbeslissing wel degelijk (digitaal) werd ondertekend door de directie;
- Tuchtbeslissingen volgens een sjabloon moeten worden opgesteld. Het sjabloon voor een tuchtbeslissing is voorzien in bijlage 5a bij Collectieve Brief nr. 124 van 6 september 2013. In dit sjabloon wordt standaard vermeld “Een kopie van dit document wordt, samen met het verslag van de hoorzitting, aan de gedetineerde overhandigd.” Aangezien klager weigerde te verschijnen op de hoorzitting, is er geen verslag van de hoorzitting opgemaakt zodat het ook niet aan klager kon overgemaakt worden.
- Uit het document mededeling aan de gedetineerde inzake de tuchtprocedure niet blijkt dat klager de naam van een advocaat heeft opgegeven, noch de aanstelling van een pro deo-advocaat heeft gevraagd zodat er van een schending van het recht op bijstand van een advocaat geen sprake is.
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van drie dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van tweede categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie vijftien dagen ATV. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was.
Om deze redenen is de klacht ongegrond.