Ga verder naar de inhoud

KC16/25-0187

Gegrond Tegemoetkoming KC - Leuven Centraal Klachtencommissie Fouille op het lichaam
FOUILLE LICHAAM - MOTIVERING

De klacht is gericht tegen een naaktfouille.

Een onderzoek aan het lichaam kan enkel door een directielid worden bevolen wanneer deze van oordeel is dat er individuele aanwijzingen zijn om te vermoeden dat een gedetineerde in het bezit is van voorwerpen of substanties die verboden of gevaarlijk kunnen zijn én dat een onderzoek aan de kledij niet zou volstaan om deze voorwerpen of substanties te vinden. De individuele aanwijzingen die de directie deed vermoeden dat klager bij zijn terugkeer van zijn uitgaansvergunning in het bezit zou zijn van gevaarlijke en/of verboden substanties en/of voorwerpen, waren volgens de motivering van de bestreden beslissing zijn verleden. Volgens de motivering zou klager immers al meermaals betrapt geweest zijn op het bezit van verboden substanties. Volgens klager en de directie zou het dan gaan om USB-sticks. Volgens klager gaat dat echter om een eenmalige inbreuk. De directie brengt geen overzicht van dergelijke inbreuken bij.

In de hypothese dat klager al meermaals betrapt werd op het bezit van verboden substanties, is de klachtencommissie van oordeel dat het tuchtrechtelijk verleden van klager geen concrete en actuele individuele aanwijzing was dat klager tijdens zijn uitgang in het bezit was gekomen van drugs of andere verboden of gevaarlijke voorwerpen. De motivering van de bestreden beslissing kon ook geen concrete en actuele individuele aanwijzingen bevatten omdat de opdracht om klager te onderwerpen aan een naaktfouille al was gegeven nog voordat klager teruggekeerd was van zijn uitgang. Eventuele verdachte handelingen of vreemd gedrag, vastgesteld bij zijn binnenkomst, of een signaal van de metaaldetectie, hetgeen volgens de klachtencommissie wel begrepen kan worden als individuele aanwijzingen, konden bijgevolg zelfs niet in aanmerking genomen worden. De klachtencommissie is van oordeel dat de naaktfouille niet verantwoord werd door het actuele gedrag van klager maar louter werd opgelegd op basis van zijn niet aangetoond tuchtrechtelijk verleden en het feit dat hij terugkwam van uitgaansvergunning.

Klager stelt overigens dat hij geen handdoek heeft gekregen tijdens de naaktfouille. De klachtencommissie is ook bevoegd om te oordelen over de uitvoering van de naaktfouille omdat het feitelijk handelen van het bewakend personeel in casu in verbinding kan worden gebracht met een beslissing van de directeur. De klachtencommissie besluit dat de naaktfouille onregelmatig werd opgelegd en uitgevoerd hetgeen een schending is van de Basiswet, in samenhang gelezen met de procedure zoals opgelegd door bijlage 3 bij Collectieve Brief nr. 141. Om deze redenen is de klacht gegrond.

De klachtencommissie kent aan klager een tegemoetkoming toe van € 5,00 belkrediet.