KC16/25-0230
Ongegrond
Gegrond
KC - Leuven Centraal
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
GOEDEREN - BRIEFWISSELING
De klachten betreffen de beslissing van 17/07/2025 i.v.m. goederen, een weigeringsbeslissing van een Playstation 2, speelkaarten en controle van de brieven van de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen (hierna: CTRG) van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Over de beslissing van 17/07/2025: de beslissing van de directie werd met redenen omkleed. De directie heeft dus correct een weigeringsbeslissing genomen in casu. Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.
Over de Playstation 2: de Collectieve brief nr. 113 ‘voorwerpen van gedetineerden’ bepaalt dat klager in het bezit mag zijn van een computerspelapparatuur met maximaal 10 originele computerspelletjes, met uitzondering van diegene die connectie kunnen maken met een extern netwerk.
De klachtencommissie merkt op dat de Collectieve brief nr. 113 ‘Voorwerpen van gedetineerden’ stelt dat de toegelaten voorwerpen zoals de computerspelapparatuur ook bij insluiting automatisch geweigerd wordt omdat de controle hiervan te arbeidsintensief is voor de administratie of omdat een controle het apparaat zou beschadigen. De klachtencommissie meent dat dit ook door te trekken valt voor het via klager binnenbrengen van de Playstation 2, 3, 5 en Xbox.
De klachtencommissie verwijst ook naar een ministeriële omzendbrief nr. 1738 over het gebruik van een Playstation 2 in de gevangenis. In deze ministeriële omzendbrief wordt beschreven dat gedetineerden gebruik kunnen maken van een Playstation 2 op cel voor zover zij aan bepaalde voorwaarden voldoen. Eén van de voorwaarden is dat het dient te gaan om een Playstation 2 die via de gevangenis wordt aangekocht of ter beschikking wordt gesteld: “1. Enkel toestellen die via de inrichting worden aangekocht of verkregen, komen in aanmerking. Alle apparaten worden door bemiddeling van de directie aangekocht bij een erkend verdeler. De spelconsole kan ook, tegen betaling van een huurprijs, ter beschikking gesteld worden door de inrichting zelf.”
Aldus is het niet onredelijk dat de directie het binnenbrengen van een Playstation 2 niet aanvaardt. De klacht tegen de weigering van het binnenbrengen van een Playstation 2 is ongegrond.
Over de weigering van de speelkaarten: de klachtencommissie besluit, in navolging van de rechtspraak van de Raad van State, dat de afwezigheid van een administratief dossier wordt gelijkgesteld met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissing is gesteund. De klachtencommissie heeft geen zicht op welke precieze motieven de directie haar weigeringsbeslissing heeft gesteund. De directie ondersteunt haar argument verder niet. Bij gebreke aan dossier kan de klachtencommissie immers geen daadwerkelijke controle op de wettigheid, redelijkheid en billijkheid van de aangevochten beslissing uitoefenen. De klacht is om deze redenen gegrond.
Over de brieven van de CTRG: de klachtencommissie is bevoegd voor het feitelijk handelen dat in verbinding kan worden gebracht met een beslissing van de directie, maar niet bevoegd voor incidenten of feitelijk handelen dat niet in verbinding kan worden gebracht met een beslissing van een directeur. Uit het dossier blijkt dat hier geen beslissing van de directeur aan de grondslag lag voor het openen van de brieven afkomstig van de CTRG. De directie werpt op dat dit gedrag in strijd is met haar instructies ten aanzien van het personeel van de postbedeling. Aldus blijkt het om een fout van het personeelslid te gaan. De klachtencommissie is dan ook van oordeel dat onvoldoende duidelijk is tegen welke beslissing van de directie de klacht gericht is. De klacht is bijgevolg niet-ontvankelijk.
De klachten betreffen de beslissing van 17/07/2025 i.v.m. goederen, een weigeringsbeslissing van een Playstation 2, speelkaarten en controle van de brieven van de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen (hierna: CTRG) van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Over de beslissing van 17/07/2025: de beslissing van de directie werd met redenen omkleed. De directie heeft dus correct een weigeringsbeslissing genomen in casu. Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.
Over de Playstation 2: de Collectieve brief nr. 113 ‘voorwerpen van gedetineerden’ bepaalt dat klager in het bezit mag zijn van een computerspelapparatuur met maximaal 10 originele computerspelletjes, met uitzondering van diegene die connectie kunnen maken met een extern netwerk.
De klachtencommissie merkt op dat de Collectieve brief nr. 113 ‘Voorwerpen van gedetineerden’ stelt dat de toegelaten voorwerpen zoals de computerspelapparatuur ook bij insluiting automatisch geweigerd wordt omdat de controle hiervan te arbeidsintensief is voor de administratie of omdat een controle het apparaat zou beschadigen. De klachtencommissie meent dat dit ook door te trekken valt voor het via klager binnenbrengen van de Playstation 2, 3, 5 en Xbox.
De klachtencommissie verwijst ook naar een ministeriële omzendbrief nr. 1738 over het gebruik van een Playstation 2 in de gevangenis. In deze ministeriële omzendbrief wordt beschreven dat gedetineerden gebruik kunnen maken van een Playstation 2 op cel voor zover zij aan bepaalde voorwaarden voldoen. Eén van de voorwaarden is dat het dient te gaan om een Playstation 2 die via de gevangenis wordt aangekocht of ter beschikking wordt gesteld: “1. Enkel toestellen die via de inrichting worden aangekocht of verkregen, komen in aanmerking. Alle apparaten worden door bemiddeling van de directie aangekocht bij een erkend verdeler. De spelconsole kan ook, tegen betaling van een huurprijs, ter beschikking gesteld worden door de inrichting zelf.”
Aldus is het niet onredelijk dat de directie het binnenbrengen van een Playstation 2 niet aanvaardt. De klacht tegen de weigering van het binnenbrengen van een Playstation 2 is ongegrond.
Over de weigering van de speelkaarten: de klachtencommissie besluit, in navolging van de rechtspraak van de Raad van State, dat de afwezigheid van een administratief dossier wordt gelijkgesteld met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissing is gesteund. De klachtencommissie heeft geen zicht op welke precieze motieven de directie haar weigeringsbeslissing heeft gesteund. De directie ondersteunt haar argument verder niet. Bij gebreke aan dossier kan de klachtencommissie immers geen daadwerkelijke controle op de wettigheid, redelijkheid en billijkheid van de aangevochten beslissing uitoefenen. De klacht is om deze redenen gegrond.
Over de brieven van de CTRG: de klachtencommissie is bevoegd voor het feitelijk handelen dat in verbinding kan worden gebracht met een beslissing van de directie, maar niet bevoegd voor incidenten of feitelijk handelen dat niet in verbinding kan worden gebracht met een beslissing van een directeur. Uit het dossier blijkt dat hier geen beslissing van de directeur aan de grondslag lag voor het openen van de brieven afkomstig van de CTRG. De directie werpt op dat dit gedrag in strijd is met haar instructies ten aanzien van het personeel van de postbedeling. Aldus blijkt het om een fout van het personeelslid te gaan. De klachtencommissie is dan ook van oordeel dat onvoldoende duidelijk is tegen welke beslissing van de directie de klacht gericht is. De klacht is bijgevolg niet-ontvankelijk.