Ga verder naar de inhoud

KC17/22-0012

Ongegrond KC - Leuven Hulp Klachtencommissie Tucht
TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES

De Klachtencommissie stelt vast dat het eerste RAD waarbij klager zijn betrokkenheid bij een overgegooid pakketje ontkent, zéér summier en algemeen is omschreven. De directeur kan op de zitting van de klachtencommissie ook geen bijkomende informatie aanreiken. Er is dan ook een gegronde twijfel over de betrokkenheid van de klager i.v.m. de verdeling van de pakjes.
In verband met de wietgeur verwijst de klachtencommissie naar de rechtspraak van de beroepscommissie. Het vaststellen van een duidelijke geur staat op gelijke hoogte met andere zintuiglijke vaststellingen, zoals bijvoorbeeld vaststellingen gebaseerd op het uitzicht van de substantie. Deze vaststellingen kunnen een doorslaggevend element vormen als basis voor een tuchtbeslissing, indien ze met de vereiste zorgvuldigheid zijn gedaan. Drie beambten bevestigen de wietgeur ter hoogte van de cel van klager. Op het moment van de geurwaarneming, zat klager alleen op zijn cel. De klacht is ongegrond.