Ga verder naar de inhoud

KC20/24-0003

Ongegrond KC - Mechelen Klachtencommissie Tucht
TUCHT
De tuchtprocedure werd opgestart voor het veroorzaken van nachtlawaai en naar aanleiding van een doorgeeflint dat werd gezien aan de cel van klager. Wat betreft het nachtlawaai, brengt klager tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting geen elementen aan die doen twijfelen aan de vaststellingen in het RAD. Het RAD beschrijft duidelijk en gedetailleerd de feiten. Er werd bovendien een getuige genoteerd. De feiten zijn dan ook bewezen. Dit wordt ook afdoende gemotiveerd door de directie in de tuchtbeslissing. Wat betreft het “hengelen”, met name het lint dat aan het raam van zijn cel werd gezien, krijgt klager het voordeel van de twijfel.

Inzake het nachtlawaai werd klager gesanctioneerd voor de tuchtinbreuken ‘het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel’ en ‘het veroorzaken van lawaaihinder die het goede verloop van de activiteiten van de gevangenis verstoort’. Het betreft twee inbreuken van de tweede categorie waarvoor een maximum van 15 dagen ATV kan worden opgelegd. De sanctie van 3 dagen ATV is wettig. De sanctie is ook niet onredelijk of onbillijk, gelet ook op het feit dat klager meerdere waarschuwingen kreeg vooraleer de tuchtprocedure werd opgestart. De klacht is niet gegrond.