Ga verder naar de inhoud

KC21/21-0077

Gegrond KC - Merksplas Klachtencommissie Bijzondere veiligheidsmaatregel
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - MOTIVERING

Artikel 111 §2 van de Basiswet bepaalt dat wanneer de feiten die aanleiding kunnen geven tot een BVM eveneens het karakter hebben van een tuchtrechtelijke inbreuk, enkel de tuchtprocedure wordt ingesteld. Volgens de Klachtencommissie had de directie in casu dan ook een tuchtprocedure moeten opstarten. De directie opteerde voor een BVM, verwijzend naar het interneringsstatuut van betrokkene. De keuze tussen tucht of BVM dient enkel af te hangen van de doelstelling die men beoogt en van het feit of er aan de toepassingsvoorwaarden voldaan is. Er is geen sprake van de vereiste ernstige aanwijzingen in de motivering van de BVM. De motivering voldoet niet aan artikel 8 j° artikel 110 §1 van de Basiswet. Ook de keuze voor de specifieke maatregel wordt niet gemotiveerd, waardoor de motivering ook niet voldoet aan de vereisten van artikel 8 j° artikel 110 van de Basiswet in samenhang gelezen met de vereisten van CB 156. De klacht is gegrond. De BVM wordt vernietigd.