TUCHT - CAMERABEELDEN
In het RAD wordt beschreven hoe klager een medegedetineerde een vuistslag toebedeelt in het aangezicht. Klager betwiste de feiten ter tuchtzitting en vroeg om de camerabeelden te bekijken. De directie besloot hier geen gevolg aan te geven en motiveerde in de tuchtbeslissing waarom zij dit niet deed. Het bekijken van camerabeelden kan in bepaalde gevallen noodzakelijk zijn om te voldoen aan de verplichting van zorgvuldige feitenvinding. De directie hoeft bij gebrek aan tegenindicaties echter niet standaard in te gaan op een verzoek tot het bekijken van de camerabeelden. Klager bracht volgens de klachtencommissie geen tegenindicaties aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie voortging op de materiële vaststellingen in het RAD, de feiten bewezen achtte en aan klager toerekende.
De directie kwalificeerde de feiten de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd.
Klager pleegde een inbreuk van de eerste categorie. Klager kreeg 15 dagen ATV. De klachtencommissie acht deze sanctie wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.
In het RAD wordt beschreven hoe klager een medegedetineerde een vuistslag toebedeelt in het aangezicht. Klager betwiste de feiten ter tuchtzitting en vroeg om de camerabeelden te bekijken. De directie besloot hier geen gevolg aan te geven en motiveerde in de tuchtbeslissing waarom zij dit niet deed. Het bekijken van camerabeelden kan in bepaalde gevallen noodzakelijk zijn om te voldoen aan de verplichting van zorgvuldige feitenvinding. De directie hoeft bij gebrek aan tegenindicaties echter niet standaard in te gaan op een verzoek tot het bekijken van de camerabeelden. Klager bracht volgens de klachtencommissie geen tegenindicaties aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie voortging op de materiële vaststellingen in het RAD, de feiten bewezen achtte en aan klager toerekende.
De directie kwalificeerde de feiten de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd.
Klager pleegde een inbreuk van de eerste categorie. Klager kreeg 15 dagen ATV. De klachtencommissie acht deze sanctie wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.