KC21/23-0152
Onontvankelijk
KC - Merksplas
Klachtencommissie
Geen beslissing directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - REKENDIENST
Een klacht over een beslissing tot het toekennen of weigeren van een voorschot of lening behoort in principe tot het toepassingsgebied van het beklagrecht. Dit is ook het geval wanneer deze beslissing wordt genomen door de rekendienst. Een klacht is immers ontvankelijk niet alleen wanneer zij gericht is tegen een beslissing die de directeur zelf heeft genomen (‘beslissing door de directeur’), maar ook wanneer zij gericht is tegen een beslissing die werd genomen door een dienst die van de penitentiaire inrichting deel uitmaakt en waarvoor de directie de verantwoordelijkheid draagt (‘beslissing namens de directeur’), zoals de rekendienst. (BC/22-0236)
In de klacht dient men zo nauwkeurig mogelijk de beslissing waarover geklaagd wordt en de redenen van de klacht te vermelden (artikel 150 §2 Basiswet). Klager vermeldt geen datum van de beslissing die door hem bestreden wordt. De klachtencommissie vindt de klacht dan ook onduidelijk geformuleerd voor wat betreft de precieze beslissing waartegen klager klacht indient.
- De verweer voerende directrice nam géén beslissing maar verwees klager door naar de rekendienst. Dit op zich kan volgens de klachtencommissie niet als een weigeringsbeslissing of verzuim beschouwd worden.
- Er werd eveneens géén beslissing genomen door de directeur-zaakvoerder, nu zij de vermeende vraag van klager blijkens het verweer nooit onder ogen kreeg.
- De klachtencommissie meent uit de formulering van de klacht te kunnen afleiden dat klager de vraag ook niet richtte tot de rekendienst, omdat hij hun antwoord al meende te kennen.
Klager voegde in elk geval geen (kopie van het) antwoord van de rekendienst bij, noch vermeldde hij enige datum van zijn vraag of de navolgende weigeringsbeslissing. De door klager overgemaakte bijlage was volgens de klachtencommissie niet dienstig ter staving van zijn klacht.
Volgens de klachtencommissie werd er in het voorliggend dossier dan ook geen beslissing genomen in de zin die klager aanvoert (weigeringsbeslissing). Aangezien het niet duidelijk is óf klager een duidelijke vraag tot voorschot richtte tot de rekendienst, kan de klachtencommissie ook niet beslissen tot een weigering of verzuim om een beslissing te nemen in hoofde van de rekendienst (namens de directeur). De klacht is niet-ontvankelijk.
Een klacht over een beslissing tot het toekennen of weigeren van een voorschot of lening behoort in principe tot het toepassingsgebied van het beklagrecht. Dit is ook het geval wanneer deze beslissing wordt genomen door de rekendienst. Een klacht is immers ontvankelijk niet alleen wanneer zij gericht is tegen een beslissing die de directeur zelf heeft genomen (‘beslissing door de directeur’), maar ook wanneer zij gericht is tegen een beslissing die werd genomen door een dienst die van de penitentiaire inrichting deel uitmaakt en waarvoor de directie de verantwoordelijkheid draagt (‘beslissing namens de directeur’), zoals de rekendienst. (BC/22-0236)
In de klacht dient men zo nauwkeurig mogelijk de beslissing waarover geklaagd wordt en de redenen van de klacht te vermelden (artikel 150 §2 Basiswet). Klager vermeldt geen datum van de beslissing die door hem bestreden wordt. De klachtencommissie vindt de klacht dan ook onduidelijk geformuleerd voor wat betreft de precieze beslissing waartegen klager klacht indient.
- De verweer voerende directrice nam géén beslissing maar verwees klager door naar de rekendienst. Dit op zich kan volgens de klachtencommissie niet als een weigeringsbeslissing of verzuim beschouwd worden.
- Er werd eveneens géén beslissing genomen door de directeur-zaakvoerder, nu zij de vermeende vraag van klager blijkens het verweer nooit onder ogen kreeg.
- De klachtencommissie meent uit de formulering van de klacht te kunnen afleiden dat klager de vraag ook niet richtte tot de rekendienst, omdat hij hun antwoord al meende te kennen.
Klager voegde in elk geval geen (kopie van het) antwoord van de rekendienst bij, noch vermeldde hij enige datum van zijn vraag of de navolgende weigeringsbeslissing. De door klager overgemaakte bijlage was volgens de klachtencommissie niet dienstig ter staving van zijn klacht.
Volgens de klachtencommissie werd er in het voorliggend dossier dan ook geen beslissing genomen in de zin die klager aanvoert (weigeringsbeslissing). Aangezien het niet duidelijk is óf klager een duidelijke vraag tot voorschot richtte tot de rekendienst, kan de klachtencommissie ook niet beslissen tot een weigering of verzuim om een beslissing te nemen in hoofde van de rekendienst (namens de directeur). De klacht is niet-ontvankelijk.