Ga verder naar de inhoud

KC21/25-0077

Ongegrond KC - Merksplas Klachtencommissie Tucht
TUCHT - SANCTIE

De directie heeft zich voor het bewezen zijn van de feiten gebaseerd op de materiële vaststellingen zoals opgenomen in het RAD. Klager gaf ten overstaan van de beambte aan dat de aangetroffen voorwerpen aan hem toebehoren. Ter tuchtzitting erkende klager het bezit van de voorwerpen, doch gaf aan dat deze voorwerpen nog hoorden bij een gsm die hem eerder al werd ontnomen. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte. De directie kwalificeerde de feiten als het bezit of gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken (artikel 129, 9° Basiswet). De klachtencommissie acht deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd. Klager pleegde een inbreuk van de eerste categorie en kreeg een tuchtsanctie van 18 dagen ATV. De klachtencommissie acht deze sanctie op zichzelf wettelijk en redelijk.

Klager klaagt over het gegeven dat hij, doordat hij op het ogenblik van het ontdekken van deze voorwerpen reeds onder ATV stond en daarnaast nog twee andere tuchtsancties kreeg opgelegd (niet gespecificeerd), in totaal 60 dagen in ATV zou komen te zitten. De klachtencommissie stelt vast dat de bewering van klager niet strookt met de werkelijkheid. Er is geen sprake van een aaneenschakeling van tuchtsancties nu zijn eerste tuchtsanctie afliep op 13 mei 2025 en de bij de tuchtbeslissing van 12 mei 2025 opgelegde tuchtsanctie pas aanvang nam op 15 mei 2025. Bovendien werden de twee voorwaardelijke sancties die klager opliep door de directie niet uitvoerbaar verklaard. Dit valt ook als zodanig te lezen in het verslag van de tuchtzitting van 12 mei 2025. De klacht is ongegrond.