BEVOEGDHEID - TUCHT
De klachtencommissie stelt vast dat klager op een klachtenformulier een klacht heeft ingediend tegen de tuchtbeslissing van ‘08/03/2026’. Uit het verweer van de directie blijkt dat de laatste tuchtbeslissing ten aanzien van klager dateert van 22/12/2025. Hiervoor werd het dossier KC21/25-0234 aangemaakt. De klachtencommissie heeft hierover uitspraak gedaan op 08/03/2026. De klachtencommissie vermoedt bijgevolg dat klager – verkeerdelijk op een klachtenformulier – beroep heeft willen indienen bij de beroepscommissie tegen de uitspraak van de klachtencommissie van 08/03/2026 inzake het dossier KC21/25-0234.
De klachtencommissie stelt vast dat de advocaat van klager inderdaad op 11/03/2026 een beroepschrift heeft ingediend tegen de beslissing van de klachtencommissie van 08/03/2026 inzake het dossier KC21/25-0234. Hiervoor werd het dossier BC/26-0092 aangemaakt. Deze klacht is bijgevolg kennelijk niet-ontvankelijk.
De klachtencommissie stelt vast dat klager op een klachtenformulier een klacht heeft ingediend tegen de tuchtbeslissing van ‘08/03/2026’. Uit het verweer van de directie blijkt dat de laatste tuchtbeslissing ten aanzien van klager dateert van 22/12/2025. Hiervoor werd het dossier KC21/25-0234 aangemaakt. De klachtencommissie heeft hierover uitspraak gedaan op 08/03/2026. De klachtencommissie vermoedt bijgevolg dat klager – verkeerdelijk op een klachtenformulier – beroep heeft willen indienen bij de beroepscommissie tegen de uitspraak van de klachtencommissie van 08/03/2026 inzake het dossier KC21/25-0234.
De klachtencommissie stelt vast dat de advocaat van klager inderdaad op 11/03/2026 een beroepschrift heeft ingediend tegen de beslissing van de klachtencommissie van 08/03/2026 inzake het dossier KC21/25-0234. Hiervoor werd het dossier BC/26-0092 aangemaakt. Deze klacht is bijgevolg kennelijk niet-ontvankelijk.