KC32/23-0038
Onontvankelijk
KC - Turnhout
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
CELMUTATIE - TERMIJN
Dat klager op de grond moet slapen is een feitelijk gevolg van de beslissing tot toewijzing van een bepaalde verblijfsruimte aan klager. De toewijzing van een verblijfsruimte aan de gedetineerde veronderstelt een beslissing door of namens de directeur, waardoor een klacht tegen dergelijke beslissing in principe onder het toepassingsgebied van het beklagrecht valt.
Aangezien er in het voorliggend dossier geen sprake is van een detentiegarantie, is er geen sprake van een verzuim om een (andere) beslissing te nemen (conform de detentiegarantie). Klager maakt ook geen melding van enige recente vraag gericht aan de directie om een andere verblijfsruimte te bekomen, waarvan het antwoord (of gebrek daaraan) getoetst zou kunnen worden op wettelijkheid en redelijkheid. De klacht is dan ook gericht tegen de beslissing van 15 februari 2023.
De klacht dient te worden ingediend uiterlijk de zevende dag na die waarop de gedetineerde kennis heeft gekregen van de beslissing waarover hij zich wenst te beklagen (artikel 150 Basiswet). Klager stelde zijn klacht op 24 februari 2023 op. De klachtencommissie stelt vast dat de indieningstermijn overschreden werd.
De klachtencommissie ziet in het dossier geen elementen die er op wijzen dat de klager zo snel als mogelijk heeft getracht klacht in te dienen en ziet dus geen reden om de termijn van zeven dagen soepel te interpreteren zoals voorzien wordt in artikel 150 ยง2 van de Basiswet.
De klacht is niet-ontvankelijk.
Dat klager op de grond moet slapen is een feitelijk gevolg van de beslissing tot toewijzing van een bepaalde verblijfsruimte aan klager. De toewijzing van een verblijfsruimte aan de gedetineerde veronderstelt een beslissing door of namens de directeur, waardoor een klacht tegen dergelijke beslissing in principe onder het toepassingsgebied van het beklagrecht valt.
Aangezien er in het voorliggend dossier geen sprake is van een detentiegarantie, is er geen sprake van een verzuim om een (andere) beslissing te nemen (conform de detentiegarantie). Klager maakt ook geen melding van enige recente vraag gericht aan de directie om een andere verblijfsruimte te bekomen, waarvan het antwoord (of gebrek daaraan) getoetst zou kunnen worden op wettelijkheid en redelijkheid. De klacht is dan ook gericht tegen de beslissing van 15 februari 2023.
De klacht dient te worden ingediend uiterlijk de zevende dag na die waarop de gedetineerde kennis heeft gekregen van de beslissing waarover hij zich wenst te beklagen (artikel 150 Basiswet). Klager stelde zijn klacht op 24 februari 2023 op. De klachtencommissie stelt vast dat de indieningstermijn overschreden werd.
De klachtencommissie ziet in het dossier geen elementen die er op wijzen dat de klager zo snel als mogelijk heeft getracht klacht in te dienen en ziet dus geen reden om de termijn van zeven dagen soepel te interpreteren zoals voorzien wordt in artikel 150 ยง2 van de Basiswet.
De klacht is niet-ontvankelijk.